ECLI:NL:RBSHE:2007:BB1818
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- K. Visser
- N.M. Spelt
- W.A.F. Damen
- Rechtspraak.nl
Geen veroordeling tot betaling van wederrechtelijk verkregen voordeel aan rechtspersoon
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen een rechtspersoon en haar mededader, waarbij meerdere strafbare feiten zoals medeplegen van gewoonteheling, valsheid in geschrift en gewoontewitwassen bewezen werden verklaard. De zaak betrof ook een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel van € 500.000,-.
De rechtbank nam de arresten van het gerechtshof mee in haar beoordeling en constateerde dat de feitelijk leidinggevende mededader verantwoordelijk was voor de inkoop en het beheer van de winsten. Hierdoor werd het wederrechtelijk verkregen voordeel aan deze mededader toegerekend, niet aan de rechtspersoon.
De rechtbank wees de vordering tot ontneming tegen de rechtspersoon af, mede omdat hoofdelijke ontneming wettelijk niet mogelijk is en om dubbele ontneming van hetzelfde bedrag te voorkomen. De mededader werd wel veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 788.748,- aan wederrechtelijk verkregen voordeel.
De procedure omvatte meerdere zittingen en schriftelijke conclusies, waarbij de verdediging betwistte dat de genoemde investeringen in de onderneming waren gedaan. De rechtbank volgde echter het standpunt van het openbaar ministerie dat de investeringen afkomstig waren uit criminele activiteiten.
Uiteindelijk bepaalde de rechtbank dat de rechtspersoon geen bedrag aan wederrechtelijk verkregen voordeel hoeft te betalen, waarmee de vordering tegen haar werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot betaling van wederrechtelijk verkregen voordeel tegen de rechtspersoon af en legt deze aan de mededader op.