AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Vrijspraak en veroordeling voor poging diefstal, mishandeling en verkeersovertredingen
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde een zaak tegen verdachte met meerdere tenlasteleggingen waaronder poging tot diefstal, mishandeling van een politieambtenaar, rijden zonder rijbewijs onder invloed van alcohol, vernieling van een politiewagen en het opgeven van valse persoonsgegevens aan een opsporingsambtenaar.
Verdachte werd vrijgesproken van de voltooide diefstal van een geldkistje en schuldheling van een fiets, omdat het bewijs onvoldoende was. Wel werd hij veroordeeld voor poging tot diefstal door braak aan een perceel, het beschadigen van een politiewagen, mishandeling van een hoofdagent tijdens diens rechtmatige bediening, meerdere verkeersovertredingen waaronder rijden zonder rijbewijs en onder invloed, en het opgeven van valse persoonsgegevens.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, eerdere veroordelingen, het feit dat de feiten tijdens proeftijd werden gepleegd, en het leed van het slachtoffer. De opgelegde straffen bestonden uit gevangenisstraffen van vijf maanden met aftrek van voorarrest, hechtenis van een week voor verkeersovertredingen, en een geldboete van 220 euro voor het opgeven van valse gegevens. Daarnaast werd een schadevergoedingsmaatregel opgelegd ten behoeve van het slachtoffer.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot gevangenisstraf, hechtenis en geldboete voor poging diefstal, mishandeling, verkeersovertredingen en vernieling, en vrijgesproken van voltooide diefstal en schuldheling.
Uitspraak
verkort vonnis
RECHTBANK 'S-HERTOGENBOSCH
Sector Strafrecht
Parketnummers dagvaarding: 01/845313-07, 01/840423-06, 01/846602-07 en 01/850058-07
Parketnummer vordering: 01/845187-06
Datum uitspraak: 20 september 2007
Verkort vonnis van de rechtbank ’s-Hertogenbosch, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:
[verdachte]
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1984,
wonende te [adres],
thans gedetineerd in de PI Vught - Nieuw Vosseveld 1 GEV te Vught.
Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting van de politierechter van 27 maart 2007 (01/840423-06) en 1 juni 2007 (01/846602-07) en van de rechtbank van 6 september 2007.
Op de politierechterzitting van 6 september 2007 heeft de politierechter de zaken met parketnummers 01/840423-06, 01/846602-07, 01/850058-07 en 01/845187-06 verwezen naar de meervoudige strafkamer van deze rechtbank d.d. 6 september 2007 en heeft vervolgens de rechtbank de tegen verdachte, onder de hiervoor genoemde parketnummers aanhangig gemaakte zaken gevoegd met de zaak met parketnummer 01/845313-07 tegen verdachte.
De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie en van hetgeen van de zijde van verdachte/veroordeelde naar voren is gebracht.
De tenlastelegging.
De zaak met parketnummer 01/845313-07 is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 10 augustus 2007.
Aan verdachte is tenlastegelegd dat:
1. hij op of omstreeks 2 juni 2007 te 's-Hertogenbosch, in elk geval in
Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen,
met het oogmerk van wederrechtelijke toeëigening in/uit een perceel (aan de
[adres]) heeft weggenomen
- een geldkistje en/of een hoeveelheid geld en/of goederen van hun/zijn gading,
in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan
De zaak met parketnummer 01/846602-07 is aanhangig gemaakt bij dagvaarding van 22 maart 2007.
De tenlastelegging in deze zaak is op vordering van de officier van justitie ter terechtzitting van de politierechter van 1 juni 2007 en ter terechtzitting van de meervoudige kamer van 6 september 2007 gewijzigd.
Aan verdachte is met inbegrip van deze wijzigingen tenlastegelegd dat:
1. hij op of omstreeks 9 februari 2007 te 's-Hertogenbosch als bestuurder van
een voertuig, (personenauto), voor het besturen waarvan een rijbewijs is vereist, terwijl aan hem, verdachte, geen rijbewijs voor het besturen van dat motorrijtuig was afgegeven, dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, lid 3, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 735 microgram, in elk geval hoger dan 88 microgram, alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn;
De zaak met parketnummer 01/845187-06 is aangebracht bij vordering van 1 februari 2007. Deze vordering heeft betrekking op het vonnis van de politierechter te 's-Hertogenbosch d.d. 10 juli 2006. Een kopie van de vordering is aan dit vonnis gehecht. De officier van justitie heeft ter terechtzitting van de meervoudige kamer van 6 september 2007 zijn vordering na voorwaardelijke veroordeling met instemming van de rechtbank op grond van artikel 14i, lid 6, van het Wetboek van Strafrecht gewijzigd, in die zin dat de vordering thans berust op alle voormelde aan verdachte tenlastegelegde feiten.
De geldigheid van de dagvaardingen.
De dagvaardingen voldoen aan alle wettelijke eisen.
De bevoegdheid van de rechtbank.
Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd van het tenlastegelegde kennis te nemen.
De ontvankelijkheid van de officier van justitie.
Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen omstandigheden gebleken, die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.
Schorsing der vervolging.
Bij het onderzoek ter terechtzitting zijn geen gronden voor schorsing der vervolging gebleken.
De bewijsbeslissing.
De rechtbank acht niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen aan verdachte onder parketnummer 01/845313-07 onder 1 primair en onder 2 primair en onder parketnummer 01/840423-06 is tenlastegelegd, zodat de verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken.
De rechtbank overweegt ten aanzien van het onder parketnummer 01/845313-07 onder 1 primair tenlastegelegde het volgende. Nu slechts uit de aangifte en uit geen enkel ander bewijsmiddel blijkt van de diefstal van een geldkistje is er onvoldoende wettig bewijs voor een voltooide diefstal.
De rechtbank overweegt ten aanzien van het onder parketnummer 01/840423-06 tenlastegelegde - uitgaande van de verklaring van verdachte - het volgende. Verdachte koopt op de zwarte markt in Vleuten een Gazelle damesfiets voor de prijs van 75,-- euro, terwijl ten aanzien van die fiets niet blijkt van beschadigingen of andere aanwijzingen die duiden op diefstal of een ander misdrijf. Aangeefster verklaart dat ze de bewuste fiets heeft aangeschaft in het jaar 2000. De rechtbank is van oordeel dat de koopprijs in relatie tot de waarde van de fiets niet dusdanig afwijkend is dat geconcludeerd kan worden dat verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat de fiets ten tijde van het onder die omstandigheden kopen daarvan van misdrijf afkomstig was.
De bewezenverklaring.
De rechtbank acht, op grond van de feiten en omstandigheden die zijn vervat in de bewijsmiddelen, wettig en overtuigend bewezen, dat verdachte:
in de zaak met parketnummer 01/845313-07:
subsidiair:
1. op 2 juni 2007 te 's-Hertogenbosch ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met anderen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening uit een perceel (aan de [adres]) weg te nemen geld en/of goederen van
hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan Smoka BV en/of Steco en/of [slachtoffer 1] en/of [slachtoffer 2] en zich daarbij de toegang tot dat perceel te verschaffen door middel van braak, met een of meer van zijn mededader(s), een slot (van een toegangsdeur) van voormeld perceel hebben/heeft geforceerd, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;
subsidiair:
2. op 2 juni 2007 te Vught opzettelijk en wederrechtelijk een auto, toebehorende aan Politie Brabant-Noord, heeft beschadigd;
3. op 02 juni 2007 te Vught opzettelijk mishandelend een ambtenaar, te[slachtoffer 4] (hoofdagent van politie regio Brabant Noord), gedurende en terzake van de rechtmatige uitoefening van haar bediening, meermalen (met kracht) tegen het gezicht heeft geslagen, waardoor voornoemde ambtenaar pijn heeft ondervonden;
in de zaak met parketnummer 01/846602-07:
1. op 9 februari 2007 te 's-Hertogenbosch als bestuurder van een voertuig, (personenauto), voor het besturen waarvan een rijbewijs is vereist, terwijl aan hem, verdachte, geen rijbewijs voor het besturen van dat motorrijtuig was afgegeven, dit voertuig heeft bestuurd, na zodanig gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij een onderzoek, als bedoeld in artikel 8, lid 3, aanhef en onder a van de Wegenverkeerswet 1994, 735 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn;
2. op 09 februari 2007 te 's-Hertogenbosch als bestuurder van een
motorrijtuig (personenauto) heeft gereden op de weg, Beurdsestraat, zonder dat
aan hem door de daartoe bevoegde autoriteit, als bedoeld in artikel 116 lidPro 1
van de Wegenverkeerswet 1994 een rijbewijs was afgegeven voor de categorie van
motorrijtuigen, waartoe dat motorrijtuig behoorde;
in de zaak met parketnummer 01/850058-07:
1. op 9 maart 2007 te 's-Hertogenbosch, als bestuurder van een
motorrijtuig, (personenauto), voor het besturen waarvan een rijbewijs is
vereist, terwijl aan hem, verdachte, geen rijbewijs voor het besturen van dat
motorrijtuig was afgegeven, dit motorrijtuig heeft bestuurd, na zodanig
gebruik van alcoholhoudende drank, dat het alcoholgehalte van zijn adem bij
onderzoek, als bedoeld in artikel 8, lid 3, aanhef en onder a van de
Wegenverkeerswet 1994, 760 microgram alcohol per liter uitgeademde lucht bleek te zijn;
2. op 9 maart 2007 te 's-Hertogenbosch als bestuurder van een
motorrijtuig (personenauto) heeft gereden op de weg, Van Grobbendocklaan,
zonder dat aan hem door de daartoe bevoegde autoriteit, als bedoeld in artikel
116 lid 1 van de Wegenverkeerswet 1994 een rijbewijs was afgegeven voor de
categorie van motorrijtuigen, waartoe dat motorrijtuig behoorde;
3. op 9 maart 2007 te 's-Hertogenbosch toen een
opsporingsambtenaar hem naar zijn identiteitsgegevens vroeg, aan die
opsporingsambtenaar (een) andere dan zijn werkelijke voornaam en
geboortedatum en adres heeft opgegeven;
De bewijsmiddelen worden slechts gebezigd met betrekking tot het feit waarop zij in het bijzonder betrekking hebben.
Hetgeen meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven bewezen is verklaard, is naar het oordeel van de rechtbank niet bewezen. Verdachte zal hiervan worden vrijgesproken.
De kwalificatie.
Het bewezenverklaarde levert op de in de uitspraak vermelde strafbare feiten.
De strafbaarheid.
Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die de strafbaarheid van de feiten of van de verdachte uitsluiten. Verdachte is daarom strafbaar voor hetgeen te zijnen laste bewezen is verklaard.
DE OVERWEGINGEN DIE TOT DE BESLISSING HEBBEN GELEID
De eis van de officier van justitie.
Vrijspraak ten aanzien van het onder parketnummer 01/845313-07 onder 2 primair tenlastegelegde. Ten aanzien van het onder parketnummer 01/845313-07 onder 1 primair, 2 subsidiair en 3 telastegelegde, het onder parketnummer 01/840423-06 (schuldheling) tenlastegelegde, het onder parketnummer 01/846602 onder 1 tenlastegelegde en het onder parketnummer 01/850058-07 onder 1 tenlastegelegde, een gevangenisstraf voor de duur van 6 maanden, met aftrek van voorarrest. Ten aanzien van de onder parketnummer 01/846602-07 onder 2 tenlastegelegde overtreding en ten aanzien van de onder parketnummer 01/850058-07 onder 2 en 3 tenlastegelegde overtredingen, telkens hechtenis voor de duur van een week. Voorts toewijzing van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van 200,-- euro terzake immateriële schade en 50,-- euro (bij wijze van voorschot) terzake materiële schade, met niet-ontvankelijkverklaring terzake het overig gevorderde en toepassing van de schadevergoedingsmaatregel. Verder persisteert de officier van justitie bij zijn vordering na voorwaardelijke veroordeling.
De op te leggen straffen.
Bij de beslissing over de straffen die aan verdachte dienen te worden opgelegd heeft de rechtbank gelet op:
a. de aard van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan,
b. de persoon en de persoonlijke omstandigheden van verdachte en zijn draagkracht.
Bij de strafoplegging zal de rechtbank in het bijzonder rekening houden met de volgende uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren gekomen omstandigheden ten bezware van verdachte:
- de ernst van de door verdachte gepleegde strafbare feiten in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals tot uitdrukking komt in het wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- verdachte werd terzake van strafbare feiten soortgelijk aan de door hem gepleegde feiten blijkens een hem betreffend uittreksel uit het algemeen documentatieregister reeds vele malen eerder veroordeeld;
- verdachte heeft de onderhavige strafbare feiten gepleegd tijdens de proeftijd van een eerdere veroordeling;
- de mate van leed dat het slachtoffer [slachtoffer 2] gedurende de uitoefening van haar werkzaamheden als politieambtenaar is aangedaan;
- verdachte heeft een groot aantal strafbare feiten gepleegd;
- verdachte heeft bij het plegen van feit 1 op de tenlastelegging met parketnummer 01/845313-07 gehandeld uit puur winstbejag en heeft zich niets aangetrokken van de belangen van de benadeelden;
- verdachte heeft - na eerdere veroordelingen te dier zake - bij herhaling een auto bestuurd zonder in het bezit te zijn van een rijbewijs en fors onder invloed verkerend van alcoholhoudende drank. Bij één gelegenheid is zelfs een verkeersongeval ontstaan.
De rechtbank is van oordeel, dat in verband met een juiste normhandhaving niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of geringere straf dan een gevangenisstraf welke vrijheidsbeneming meebrengt voor de duur als hierna te melden.
De rechtbank zal een lagere straf opleggen dan de door de officier van justitie gevorderde straf, omdat de rechtbank verdachte zal vrijspreken van het onder parketnummer 01/840423-07 tenlastegelegde en het onder parketnummer 01/845313-07 onder 1 primair tenlastegelegde.
Ten aanzien van parketnummer 01/845313-07 feit 3:
De vordering van de benadeelde [slachtoffer 4].
De rechtbank acht toewijsbaar, als rechtstreeks door het bewezenverklaarde feit toegebrachte schade, de immateriële schade tot een bedrag van 150,-- euro, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf heden.
De rechtbank zal de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaren ten aanzien van de overig gevorderde immateriële schade en de gevorderde materiële schade, aangezien deze niet van zo eenvoudige aard zijn dat zij zich lenen voor behandeling in het strafgeding.
De benadeelde partij kan deze onderdelen van haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.
De rechtbank zal voor het toegewezen bedrag tevens de schadevergoedingsmaatregel opleggen, nu de rechtbank het wenselijk acht dat de staat schadevergoeding aan het slachtoffer bevordert, eveneens te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf heden.
De rechtbank zal verdachte veroordelen in de kosten van de benadeelde partij tot op heden begroot op nihil. Verder wordt verdachte veroordeeld in de ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten.
Aangezien aldus aan verdachte meer verplichtingen tot vergoeding van dezelfde schade worden opgelegd, zal de rechtbank bepalen dat verdachte van de schadevergoedingsplicht jegens de benadeelde is bevrijd voor zover hij heeft voldaan aan een van de hem opgelegde verplichtingen tot schadevergoeding.
Motivering van de beslissing na voorwaardelijke veroordeling.
De vordering voldoet aan alle wettelijke eisen. Krachtens de wettelijke bepalingen is de rechtbank bevoegd tot behandeling van deze vordering. Uit onderzoek ter terechtzitting zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan.
Uit het onderzoek ter terechtzitting is gebleken dat de veroordeelde zich gedurende de proeftijd aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.
Bijzondere omstandigheden die aan de tenuitvoerlegging in de weg staan zijn niet aanwezig. De rechtbank zal dan ook de gevorderde tenuitvoerlegging gelasten.
DE UITSPRAAK
Verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hiervoor is omschreven.
Verklaart niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hiervoor bewezen is verklaard en spreekt hem daarvan vrij.
Het bewezenverklaarde levert op:
t.a.v. 01/845313-07 feit 1 subsidiair, het misdrijf:
Poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de
schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door
middel van braak.
t.a.v. 01/845313-07 feit 2 subsidiair, het misdrijf:
Opzettelijk en wederrechtelijk enig goed, dat geheel of ten dele aan een ander
toebehoort, beschadigen.
t.a.v. 01/845313-07 feit 3, het misdrijf:
Mishandeling, terwijl het misdrijf wordt gepleegd tegen een ambtenaar
gedurende en ter zake van de rechtmatige uitoefening van zijn bediening.
t.a.v. 01/846602-07 feit 1, het misdrijf:
Overtreding van artikel 8, derde en vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
T.a.v. 01/846602-07 feit 2, de overtreding:
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
T.a.v. 01/850058-07 feit 1, het misdrijf:
Overtreding van artikel 8, derde en vierde lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
T.a.v. 01/850058-07 feit 2, de overtreding:
Overtreding van artikel 107, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994.
T.a.v. 01/850058-07 feit 3, de overtreding:
Door het bevoegd gezag naar zijn identiteitsgegevens gevraagd, een valse
voornaam, geboortedatum en adres waarop hij in de basisadministratie
persoonsgegevens als ingezetene staat ingeschreven, opgeven.