ECLI:NL:RBSHE:2008:BC4831
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.A.F. Damen
- K. Visser
- M. Lammers
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs handel in cocaïne buiten Nederland
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het opzettelijk buiten Nederland brengen van cocaïne tussen januari 2006 en mei 2007. De officier van justitie eiste een gevangenisstraf van vier jaar en baseerde zich op afgetapte telefoongesprekken, observaties en de aanhouding van een medeverdachte met een geprepareerde auto.
Uit de tapverslagen bleek dat verdachte en zijn medeverdachte veelvuldig communiceerden over handel in niet nader genoemde zaken met versluierd taalgebruik. Hoewel dit het vermoeden van handel in verdovende middelen rechtvaardigde, kon niet met zekerheid worden vastgesteld dat het om cocaïne ging. Observaties toonden ontmoetingen tussen verdachte en medeverdachte, maar het doel daarvan bleef onduidelijk.
Verdachte verklaarde dat hij vaker met auto's naar Spanje reed voor zijn medeverdachte, die in auto’s handelde, en dat hij had gehoord dat er cocaïne in die auto's verstopt zou zijn. Onderzoek in Spanje en naar de genoemde persoon leverde echter niets op. Er werd geen cocaïne aangetroffen bij verdachte of medeverdachte.
De rechtbank oordeelde dat het tenlastegelegde niet wettig en overtuigend bewezen was en sprak verdachte vrij. Tevens werd het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van handel in cocaïne buiten Nederland.