ECLI:NL:RBSHE:2009:BJ1601
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Ontnemingsvonnis wegens wederrechtelijk verkregen voordeel na afpersingen en diefstal met geweld
De rechtbank ’s-Hertogenbosch heeft op 8 juli 2009 een ontnemingsvonnis gewezen tegen de veroordeelde, waarbij een bedrag van €16.893,44 aan wederrechtelijk verkregen voordeel is vastgesteld naar aanleiding van bewezen verklaarde strafbare feiten, waaronder afpersingen en diefstal met geweld in verschillende winkels te Eindhoven.
De rechtbank baseert zich op het arrest van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch van 10 juli 2008 en verklaringen van de veroordeelde en getuigen. De opbrengst van de strafbare feiten wordt geschat op €16.893,44, waarvan de rechtbank het bedrag van €600,- gerelateerd aan een overval niet meeneemt omdat dit niet in de vordering van de officier van justitie is opgenomen.
De rechtbank oordeelt dat immateriële schadevergoedingen aan benadeelde partijen niet in mindering worden gebracht op het wederrechtelijk verkregen voordeel, conform de jurisprudentie van de Hoge Raad. De matiging van het te betalen bedrag wordt beperkt tot €3.250,00 vanwege de immateriële schadevorderingen, waardoor het definitieve te betalen bedrag €13.643,44 bedraagt.
De verdediging had verzocht om verdere matiging vanwege de financiële situatie en leeftijd van de veroordeelde, maar de rechtbank ziet hiervoor onvoldoende aanleiding. De veroordeelde wordt verplicht het bedrag van €13.643,44 aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel.
Uitkomst: Veroordeelde is verplicht tot betaling van €13.643,44 ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.