ECLI:NL:RBSHE:2009:BJ2864
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling exclusief drankafnamebeding en bewijsopdracht nieuwe overeenkomst
Partijen, een bierbrouwer en een horeca-exploitant, sloten in 1997 een drankafnameovereenkomst gekoppeld aan een geldlening met een exclusief afnamebeding. Modern Vught stelde dat dit beding nietig is wegens strijd met mededingingsrecht, maar de rechtbank verwierp dit beroep vanwege Europese groepsvrijstellingen en onvoldoende onderbouwing.
Inbev vorderde dat de rechtbank vaststelt dat een nieuwe drankafnameovereenkomst van vijf jaar vanaf 1 januari 2007 tot stand is gekomen. Modern Vught betwistte dit en wees op het ontbreken van een ondertekende overeenkomst en onduidelijkheden in de offerte. De rechtbank oordeelde dat het bestaan van deze nieuwe overeenkomst niet vaststaat en gaf Inbev een bewijsopdracht.
De rechtbank bepaalde dat Inbev bewijs moet leveren door middel van bewijsstukken, getuigen of andere middelen, en stelde een termijn en procedure vast voor het getuigenverhoor en conclusies. Verdere beslissingen werden aangehouden totdat het bewijs is geleverd en beoordeeld.
Uitkomst: De rechtbank wijst Inbev een bewijsopdracht toe om het bestaan van een nieuwe drankafnameovereenkomst vanaf 1 januari 2007 aan te tonen en houdt verdere beslissing aan.