ECLI:NL:RBSHE:2009:BJ4290
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepasselijkheid en naleving Wet overleg huurders verhuurder bij huurverhoging parkeerplaatsen
De Vereniging Huurdersbelangen Regentekwartier (VHR) verzocht de kantonrechter te oordelen over de toepasselijkheid van de Wet overleg huurders verhuurder (Wohv) op parkeerplaatsen die onlosmakelijk verbonden zijn met de huur van woonruimten. VHR stelde dat de parkeerplaatsen als één entiteit met de woningen gezien moeten worden en dat de voorgenomen huurverhoging van 5% onredelijk was.
De kantonrechter stelde vast dat de parkeerplaatsen onlosmakelijk verbonden zijn met de woonruimten en dat het beleid en beheer van deze parkeerplaatsen rechtstreeks invloed heeft op de woonsituatie van de huurders. Daarom vallen de parkeerplaatsen onder de reikwijdte van de Wohv, wat inhoudt dat de verhuurder VB&T Vastgoedmanagement BV de overlegprocedures met de huurdersorganisatie moet naleven.
De kantonrechter oordeelde dat VHR ontvankelijk is in haar verzoeken die zien op de naleving van de overlegprocedures, maar niet in verzoeken die een inhoudelijke toetsing van de huurverhoging beogen. De rechtbank concludeerde dat VB&T de informatieplicht en overlegverplichting conform de Wohv heeft nageleefd, onder meer door tijdige schriftelijke mededeling en overleg met VHR. Er was geen sprake van schending van de procedureregels of onredelijkheid in het beleid van VB&T.
VHR werd niet ontvankelijk verklaard voor verzoeken die een inhoudelijke beoordeling van de huurverhoging wilden afdwingen, zoals het vaststellen van een maximumpercentage. De kantonrechter wees de ontvankelijke verzoeken van VHR af en compenseerde de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: De kantonrechter wijst het verzoek van de huurdersorganisatie af en bevestigt dat de verhuurder de overlegprocedures conform de Wohv heeft nageleefd.