ECLI:NL:RBSHE:2009:BJ7380
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Schorsing sluiting pand wegens onvoldoende bewijs drugshandel softdrugs
Op 8 juli 2009 heeft de burgemeester van ’s-Hertogenbosch het pand van verzoekers gesloten op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor de duur van één jaar wegens vermoedelijke drugshandel. Tijdens een controle op 28 mei 2009 werden hennep en hennepafval aangetroffen in en rond het pand, waaronder een hoeveelheid softdrugs van 28,5 gram, die volgens verweerder een handelshoeveelheid vormt.
Verzoekers betwisten dat sprake is van drugshandel en stellen dat de hoeveelheid softdrugs bestemd was voor persoonlijk gebruik. Ook betwisten zij de wijze van vaststelling van de hoeveelheid en de directe betrokkenheid bij de hennepafvalcontainer op het terrein, die vrij toegankelijk is voor derden. Verweerder heeft een uitzondering gemaakt voor een schildersbedrijf in hetzelfde pand, maar niet voor een sportschool, wat tot onduidelijkheid leidt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de enkele aanwezigheid van een handelshoeveelheid softdrugs onvoldoende is om drugshandel aan te nemen, mede gelet op de verpakking en de verklaring van verzoeker. Ook is onvoldoende vastgesteld dat de hennepafvalcontainer direct aan verzoekers kan worden toegerekend. Het besluit tot sluiting is daarom onvoldoende gemotiveerd en wordt geschorst tot zes weken na de beslissing op bezwaar. Tevens wordt verweerder veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het besluit tot sluiting van het pand wordt geschorst wegens onvoldoende bewijs van drugshandel.