ECLI:NL:RBSHE:2009:BK3443

Rechtbank 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
5 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
649863
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5 Wegenverkeerswet 1994Art. 10 Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beroep tegen administratieve sanctie wegens gevaarlijk parkeren op rijstrook

Op 16 juni 2009 diende Theodorus Andreas Johannes Keijzers een beroepschrift in tegen een beschikking van de officier van justitie van 25 mei 2009, waarin een administratieve sanctie was opgelegd wegens het zodanig parkeren van een voertuig dat gevaar of hinder werd veroorzaakt op de weg. De zaak werd behandeld door de kantonrechter te Helmond op 22 oktober 2009.

Appellant voerde aan dat hij zijn voertuig rechts aan de weg had geparkeerd volgens de wettelijke bepalingen. De kantonrechter overwoog dat artikel 5 van Pro de Wegenverkeerswet 1994 een algemene norm bevat voor veilig en ordelijk verkeer, die ook geldt bij parkeren. Hoewel artikel 10 van Pro het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 het gebruik van de rijbaan voorschrijft, kan onder omstandigheden ook een ander weggedeelte worden gebruikt.

In dit geval was de weg verdeeld in twee rijstroken en blokkeerde het voertuig van appellant de rijstrook waarop het stond geparkeerd, waardoor het verkeer op die rijstrook moest uitwijken en gehinderd werd. De kantonrechter stelde dat het oordeel van de verbalisant leidend is voor het opleggen van een sanctie en dat het beroep daarom ongegrond is verklaard.

Uitkomst: Het beroep tegen de administratieve sanctie wegens gevaarlijk parkeren wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ‘s-HERTOGENBOSCH
Sector Kanton, locatie Helmond
Zaaknummer : 649863.
MU nummer : 166/09.
CJIB nummer : [nummer].
WET ADMINISTRATIEF RECHTELIJKE HANDHAVING VERKEERSVOORSCHRIFTEN (WAHV).
Op 16 juni 2009 is een beroepschrift ingekomen van Theodorus Andreas Johannes Keijzers, geboren 18 maart 1966, wonende te Helmond aan de Hoge Zij 2.
Het beroepschrift is gericht tegen de beschikking van de officier van justitie dd. 25 mei 2009.
De oorspronkelijke beschikking was gericht aan GE Fleet Services B.V. te ’s-Hertogenbosch.
De vertegenwoordiger van de officier van justitie en appellant zijn gehoord ter openbare terechtzitting van de kantonrechter te Helmond dd. 22 oktober 2009.
Gelet op de op de zaak betrekking hebbende stukken.
OVERWEGENDE:
Appellant is in beroep gekomen tegen een beslissing van de officier van justitie.
Voor de betaling van de sanctie is zekerheid gesteld.
Het beroep is ontvankelijk.
Aan appellant is een administratieve sanctie opgelegd terzake een voertuig zodanig op de weg laten staan dat gevaar of hinder wordt of kan worden veroorzaakt of verkeer in gevaar wordt gebracht of kan worden gebracht (artikel 5 Wegenverkeerswet Pro). Appellant voer aan dat hij zijn voertuig overeenkomst de wettelijke bepalingen aan de uiterste rechterzijde van de weg heeft geparkeerd.
De kantonrechter overweegt als volgt:
Het betreffende wetsartikel bevat de grondnorm voor een veilig en ordelijk verloop van het verkeer op de weg. Het kan in vele situaties worden gehanteerd omdat niet elke denkbare verkeerssituatie in een concrete norm is onder te brengen.
In een situatie als de onderhavige waarbij een voertuig wordt geparkeerd langs de kant van de weg wordt in artikel 10 van Pro het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV90) bepaald dat een motorvoertuig de rijbaan dient te gebruiken. Ook voor het parkeren met dien verstande dat men – onder omstandigheden – ook andere weggedeelte mag gebruiken.
Indien een bestuurder het verwijt van artikel 5 WVW Pro gemaakt wordt dient het voor eenieder duidelijk te zijn dat een weggebruiker in strijd met de algemeen aanvaarde verkeersnormen handelt.
Dat wordt moeilijk indien een andere verkeersnorm uitdrukkelijk bepaalt dat de wijze van parkeren zoals appellant heeft gedaan, niet in strijd is met de verkeersregels.
Echter, bij het parkeren van een voertuig ook indien parkeren ter plaatse niet is verboden, zal een bestuurder moeten beoordelen de wijze van parkeren op een bepaalde plaats de norm van artikel 5 WVW Pro schendt.
In het onderhavige geval is dat naar het oordeel van de kantonrechter het geval. De weg is verdeeld in twee rijstroken en het voertuig van appellant blokkeerde de rijstrook waar hij op stond. Daardoor kan zich de situatie voordoen dat het verkeer dat op dezelfde rijstrook rijdt als waar het voertuig van appellant stond geparkeerd moet uitwijken en aldus gehinderd wordt.
Dat andere politiefunctionarissen aan appellant meedelen dat hij ter plaatse gewoon mag parkeren is niet aan de orde Het is de individuele beoordeling van de verbalisant die er toe leidt dat een administratieve sanctie wordt opgelegd.
Het beroep wordt ongegrond verklaard.
BESLISSING:
De kantonrechter,
verklaart het beroep ongegrond.
Gegeven door Mr. W.P.C.G. Derksen, kantonrechter en op 5 november 2009 in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van de griffier.