ECLI:NL:RBSHE:2009:BK4986

Rechtbank 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
12 november 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
635126
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5:109 BWArtikel 9 splitsingsakte
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

VvE vordert verwijdering rolluik zonder toestemming in appartementsgebouw

De Vereniging van Eigenaren (VvE) van een appartementsgebouw vordert dat een eigenaar het zonder toestemming geplaatste rolluik aan de voordeur verwijdert en verwijderd houdt. Volgens de splitsingsakte is voor het aanbrengen van veranderingen aan gemeenschappelijke gedeelten toestemming van de VvE vereist. Het gedeelte van de deur waar het rolluik is geplaatst, is aangemerkt als gemeenschappelijk.

De eigenaar had geen toestemming van de VvE voor het plaatsen van het rolluik. De VvE stelt dat het weigeren van toestemming niet strijdig is met redelijkheid en billijkheid, omdat rolluiken een onaangename aanblik geven en het verbod voor alle eigenaren geldt. De eigenaar betoogt dat het rolluik niet zichtbaar is vanaf de openbare weg en dat verwijdering onevenredige schade veroorzaakt.

De rechtbank oordeelt dat de belangen van de eigenaar niet zwaarder wegen dan het belang van de VvE bij handhaving van het verbod. Er is onvoldoende reden om toestemming te verlenen. De eigenaar wordt veroordeeld het rolluik binnen een week te verwijderen, het kozijn te herstellen en een dwangsom te betalen bij niet-naleving. Tevens wordt de eigenaar veroordeeld in de proceskosten.

Uitkomst: De eigenaar wordt veroordeeld het rolluik te verwijderen en het kozijn te herstellen binnen een week, onder verbeurte van een dwangsom.

Uitspraak

RECHTBANK ‘s-HERTOGENBOSCH
Sector Kanton, locatie ‘s-Hertogenbosch
Zaaknummer : 635126
Rolnummer : 09-6536
Uitspraak : 12 november 2009
in de zaak van:
de Vereniging van Eigenaars Appartementengebouw “[X]”,
gevestigd [woonplaats],
eiseres,
gemachtigde: mr. D.H. Andries,
t e g e n :
[gedaagden],
beiden wonende [woonplaats],
gedaagden,
procederend in persoon,
als vervolg van het tussen partijen gewezen vonnis van 1 oktober 2009.
1. Het vervolg van de procedure
Bij voornoemd vonnis is de zaak verwezen naar de rol van 15 oktober 2009 voor overlegging akte aan de zijde van de VvE. Op voormelde datum is het bedoelde stuk door de VvE in het geding gebracht. Daarna is vonnis bepaald.
2. De verdere beoordeling
2.1. De kantonrechter volhardt bij het in voormeld vonnis overwogene.
2.2. Bij voormeld vonnis is de zaak verwezen naar de rol van 15 oktober 2009 voor het in het geding brengen van een splitsingstekening van het appartementencomplex als bedoeld in artikel 5:109, tweede lid, van het BW. De VvE heeft deze tekening overgelegd.
2.3. Het gedeelte van de deur naar de galerij, waar zich het rolluik bevindt, is op de splitsingstekening niet aangeduid als een privé-gedeelte (aanhef artikel 9 van Pro de splitsingsakte).
Dit betekent dat dit gedeelte moet worden aangemerkt als een gemeenschappelijk gedeelte (artikel 9, eerste lid, van de splitsingsakte), hetgeen met zich meebrengt dat het een eigenaar of gebruiker, [gedaagden], niet zonder toestemming van de vergadering is toegestaan daarin veranderingen aan te brengen.
2.4. Vaststaat dat [gedaagden] voor het plaatsen van het rolluik niet over toestemming van de vergadering van de VvE beschikten. Het al dan niet verlenen van toestemming is een bevoegdheid van deze vergadering. Denkbaar is dat een vernietiging van de impliciete weigering van de toestemming aan de orde is indien de belangen van [gedaagden] op onevenredige wijze worden geschonden en sprake zou zijn van strijd met de maatstaven van redelijkheid en billijkheid. De VvE heeft echter een rechtens te respecteren belang bij het onthouden van toestemming voor het plaatsen van het rolluik. Ter zitting heeft de VvE aangegeven dat rolluiken zorgen voor een onaangename sfeer c.q. aanblik, en dat het verbod van het aanbrengen van rolluiken voor iedere appartementseigenaar dient te gelden. Het verweer van [gedaagden] dat het verwijderen van het rolluik leidt tot onevenredige schade wordt verworpen.
Gelet op het voorgaande is er onvoldoende zwaarwichtige reden om voorbij te gaan aan het niet verlenen van toestemming. De vordering tot het verwijderen van dit luik, het verwijderd houden van dit luik en het hertellen van het kozijn in oorspronkelijke staat zal derhalve worden toegewezen. De dwangsom wordt gesteld op een bedrag van € 250,- per dag.
2.5. [gedaagden] zullen, als de in het ongelijk gestelde partij, worden veroordeeld in de kosten van de procedure.
3. De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagden] om binnen een week na betekening van dit vonnis het rolluik voor de voordeur van het appartement aan de Biezenloop 143 te verwijderen en verwijderd te houden, en tot het herstellen van het kozijn in zijn oorspronkelijke staat, zulks op verbeurte van een dwangsom van € 250,- voor iedere dag of een gedeelte daarvan dat [gedaagden] in gebreke blijft aan die veroordeling te voldoen, met een maximum van € 10.000,-;
veroordeelt [gedaagden] in de kosten van de procedure, aan de zijde van de VvE begroot op € 682,98, waarvan € 85,98 aan explootkosten, € 297,- aan griffierecht en € 300,- als bijdrage in het salaris van gemachtigde (niet met btw belast);
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad.
Aldus gewezen door mr. W.P.C.G. Derksen, kantonrechter, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 november 2009.