ECLI:NL:RBSHE:2011:BT8979
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.B.M. Bruens
- M.Th. van Vliet
- W.T.A.M. Verheggen
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens gebrek aan overtuigend bewijs op verdenking van medeplegen en medeplichtigheid aan wederrechtelijke vrijheidsberoving
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van medeplegen en medeplichtigheid aan wederrechtelijke vrijheidsberoving van een slachtoffer in februari 2009. De tenlastelegging betrof het onder valse voorwendselen naar een kickboksschool lokken, vastbinden, mishandelen en bedreigen van het slachtoffer.
Tijdens de terechtzitting werd vastgesteld dat de dagvaarding geldig was en de rechtbank bevoegd was om kennis te nemen van de zaak. De officier van justitie achtte het tenlastegelegde wettig en overtuigend bewezen, terwijl de verdediging stelde dat de aangiftes van de drie aangevers onbetrouwbaar waren en onvoldoende bewijs bestond voor een veroordeling.
De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van twee van de drie aangevers ongeloofwaardig waren, mede omdat deze aangiftes weken na het vermeende delict waren gedaan en mogelijk uit rancune waren opgesteld. Ook de verklaring van de derde aangever, hoewel geloofwaardig geacht, bood onvoldoende bewijs om verdachte te veroordelen. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer op 28 oktober 2011, waarbij mr. Van Vliet en mr. Verheggen niet in staat waren het vonnis mede te ondertekenen.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens gebrek aan wettig en overtuigend bewijs.