ECLI:NL:RBSHE:2011:BU1996
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rangregeling na executoriale verkoop onroerende zaak met geschil over borgstelling en subrogatie
Deze civiele procedure betreft een geschil over de verdeling van de restantopbrengst na executoriale verkoop van een onroerende zaak te [adres]. Eiseres vordert dat zij aanspraak maakt op een deel van deze restantopbrengst, stellende dat zij borg is en subrogatie op Rabobank heeft. Verweerder vordert een vastgesteld bedrag uit de rangregeling.
De rechtbank oordeelt dat eiseres niet als borg kan worden aangemerkt, ondanks haar stellingen en de schuldbekentenis waarin zij als medeschuldenaar wordt genoemd. De rechtbank acht de bewoordingen in de schuldbekentenis en het ontbreken van objectieve aanwijzingen doorslaggevend. Ook de subsidiaire grondslag van subrogatie faalt, omdat eiseres onvoldoende heeft onderbouwd dat zij geen gebruik heeft gemaakt van het krediet en de schuldverdeling tussen partijen gelijk is.
Verweerders vordering wordt toegewezen voor € 109.745,90, maar de rechtbank benadrukt dat de feitelijke uitbetaling uit de executieopbrengst aan de belanghebbenden aan de rechter-commissaris toekomt. Proceskosten worden toegewezen aan verweerder. Het vonnis is gewezen door mr. E. Loesberg en op 26 oktober 2011 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiseres af en kent de vordering van verweerder toe.