ECLI:NL:RBSHE:2011:BU5847
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Termijn aanvang voor verval voorlopige voorzieningen bij echtscheiding
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde een verzoek van de man tot wijziging van een voorlopige voorziening inzake partneralimentatie. De man stelde dat hij geen verweer had gevoerd in de eerdere procedure, waardoor de rechtbank geen rekening kon houden met zijn gegevens, en betwistte de behoefte van de vrouw aan alimentatie. Subsidiair stelde hij onvoldoende draagkracht te hebben.
De rechtbank verwees naar artikel 821 lid 4 Rv Pro, dat bepaalt dat een beschikking voorlopige voorzieningen haar kracht verliest indien niet binnen vier weken na dagtekening een verzoek tot echtscheiding is ingediend. De eerste beschikking was op 6 juli 2011, de termijn liep dus tot 3 augustus 2011. Het verzoek tot echtscheiding werd pas op 25 augustus 2011 ingediend, te laat volgens de rechtbank.
De rechtbank stelde dat de termijn aanvangt bij de eerste beschikking, niet pas na alle voorlopige voorzieningen. Dit is in lijn met de wetsgeschiedenis en de ratio dat voorlopige voorzieningen noodmaatregelen zijn die niet definitief mogen worden. Hierdoor verloren de beschikkingen van 6 en 28 juli 2011 hun kracht.
De rechtbank kwam daarom niet toe aan de inhoudelijke beoordeling van het verzoek tot wijziging en verklaarde de man niet-ontvankelijk.
Uitkomst: De man wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van het verzoek tot echtscheiding binnen de vier weken na de eerste beschikking voorlopige voorzieningen.