ECLI:NL:RBSHE:2012:BV9263

Rechtbank 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
16 maart 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
243366 - FA RK 12-801
Instantie
Rechtbank 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Boek 1 BW
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verklaring voor recht beëindiging huwelijk en geregistreerd partnerschap

Partijen hebben de rechtbank verzocht een verklaring voor recht te geven dat door de omzetting van hun huwelijk in een geregistreerd partnerschap, de notariële ontbinding van dat partnerschap en de vermelding daarvan in de registers van de burgerlijke stand, het huwelijk en het geregistreerd partnerschap zijn beëindigd. Tevens wilden zij dat de rechtsgevolgen van deze beëindiging gelijkgesteld worden aan die van een door de rechtbank uitgesproken echtscheiding.

De rechtbank heeft vastgesteld dat de feiten omtrent nationaliteit, woonplaats, huwelijk, omzetting en beëindiging van het geregistreerd partnerschap voldoende zijn onderbouwd met bewijsstukken. De rechtbank concludeert echter dat de gevraagde verklaring voor recht niet nodig is omdat de beëindiging van het huwelijk en het geregistreerd partnerschap en de rechtsgevolgen daarvan reeds voortvloeien uit de destijds geldende wettelijke bepalingen in Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.

Het door partijen aangevoerde belang, met name het niet erkennen van een zogenaamde flitsscheiding in het buitenland, leidt niet tot een ander oordeel. De rechtbank wijst het verzoek daarom af en bevestigt dat de rechtsgevolgen van de beëindiging van het geregistreerd partnerschap gelijk zijn te stellen aan die van een echtscheiding zoals uitgesproken door de rechtbank.

Uitkomst: Het verzoek om een verklaring voor recht wordt afgewezen omdat de beëindiging van het huwelijk en geregistreerd partnerschap en de rechtsgevolgen daarvan reeds uit de wet voortvloeien.

Uitspraak

RECHTBANK 's-HERTOGENBOSCH
Sector civiel recht
Zaaknummer : 243366 / FA RK 12-801
Uitspraak : 16 maart 2012
Beschikking betreffende verklaring voor recht in de zaak van
[verzoeker X],
wonende te [woonplaats],
advocaat mr. A.D. Roos,
en:
[verzoeker Y],
wonende te [woonplaats],
advocaat mr. A.D. Roos,
partijen, ook wel aan te duiden als respectievelijk de vrouw en de man.
De procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift van partijen, ingekomen ter griffie op 2 februari 2012.
Partijen verzoeken een verklaring voor recht af te geven met betrekking tot de beëindiging van het huwelijk van partijen, het daarop volgende geregistreerd partnerschap en de daarop volgende beëindiging daarvan.
De beoordeling
Uit de overgelegde bewijsstukken blijkt de nationaliteit en de woonplaats van partijen, alsmede waar en wanneer zij met elkaar zijn gehuwd, waar en wanneer zij het huwelijk hebben omgezet in een geregistreerd partnerschap en waar en wanneer het geregistreerd partnerschap is beëindigd.
Partijen verzoeken de rechtbank voor recht te verklaren dat door de omzetting van het huwelijk van partijen in een geregistreerd partnerschap, de notariële ontbinding van het geregistreerd partnerschap van 25 november 2008 en de vermelding van de beëindiging in de registers van de burgerlijke stand te 's-Hertogenbosch op 25 november 2008, naar destijds geldend Nederlands recht, het huwelijk van partijen alsmede het daarop volgende geregistreerd partnerschap is beëindigd, waarvan de rechtsgevolgen naar Nederlands recht gelijk te stellen zijn met een door de rechtbank uitgesproken echtscheiding tussen partijen.
De rechtbank zal het verzoek afwijzen. Hetgeen partijen verzoeken in een declaratoire beschikking vast te leggen, te weten de beëindiging van het huwelijk en het geregisteerd partnerschap en de vaststelling dat het rechtsgevolg van de beëindiging van het geregistreerd partnerschap gelijk is te stellen met het rechtsgevolg van een door de rechtbank uitgesproken echtscheiding, vloeit voort uit (destijds geldende) wettelijke bepalingen in boek 1 van het Burgerlijk Wetboek. De situatie is dus rechtens al zo. Het door partijen aangehaalde belang, te weten het niet erkennen van de zogenaamde flitsscheiding in het buitenland, heeft de rechtbank niet tot het oordeel kunnen brengen dat de gevraagde verklaring voor recht moet worden afgegeven.
De beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.W. Brunt, rechter,en in het openbaar uitgesproken op 16 maart 2012 in aanwezigheid van de griffier.
conc: jwb
Tegen deze beschikking kan, voor zover al rechtens mogelijk, uitsluitend door tussenkomst van een advocaat hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te 's-Hertogenbosch:
a. door de verzoekers of een van hen binnen drie maanden, te rekenen van de dag van de uitspraak;
b. door andere belanghebbenden binnen drie maanden na betekening daarvan of nadat de beschikking hun op andere wijze bekend is geworden.