ECLI:NL:RBSHE:2012:BW7367
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs valsheid evaluatierapport en overtredingen Wet bodembescherming
De rechtbank 's-Hertogenbosch behandelde een zaak tegen verdachte, die werd verdacht van het opzettelijk gebruik van een vals evaluatierapport grondsanering en overtredingen van de Wet bodembescherming. Het rapport vermeldde onterecht dat een AP04-keuring was uitgevoerd, terwijl dit niet het geval was. Verdachte werd tevens beschuldigd van het niet melden van bodemverontreiniging en het toepassen van verontreinigde grond.
Tijdens de zitting bleek dat het rapport was opgesteld door een medewerker en doorgezonden door een vertegenwoordiger van verdachte, die ontkende op de hoogte te zijn van de onjuistheid. De rechtbank vond geen direct bewijs van wetenschap van de onjuistheid door verdachte en sprak verdachte vrij van valsheid in geschrifte.
Verder oordeelde de rechtbank dat verdachte niet de normadressaat was van de meldingsplicht onder artikel 27 Wet Pro bodembescherming, omdat zij niet betrokken was bij het ontgraven en opslaan van de grond. Ook was er geen bewijs dat verdachte betrokken was bij het toepassen van verontreinigde grond in funderingsvakken. Hierdoor sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van valsheid in geschrifte en overtredingen Wet bodembescherming.