ECLI:NL:RBSHE:2012:BX4872
Rechtbank 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- Rechtspraak.nl
Onredelijkheid incasso deurwaarderskosten bij geringe restbetaling boete
De veroordeelde was bij onherroepelijk vonnis veroordeeld tot een geldboete van €250,-, te betalen in twee termijnen. De boete werd ter incasso overgedragen aan het Centraal Justitieel Incasso Bureau (CJIB). Na het niet tijdig voldoen van de boete en wettelijke verhogingen, vaardigde de officier van justitie een dwangbevel uit voor het resterende bedrag van €22,38 plus deurwaarderskosten.
De veroordeelde maakte bezwaar tegen de tenuitvoerlegging van dit dwangbevel. De rechtbank nam kennis van het bezwaar en het commentaar van de officier van justitie, die het verzet ongegrond wilde verklaren. De rechtbank oordeelde echter dat het verzet tijdig was ingediend en dat de incassomethode onredelijk was.
De rechtbank stelde vast dat de veroordeelde het geringe restantbedrag kort na kennisgeving had voldaan, maar dat de deurwaarderskosten al waren gemaakt. Gezien het lage inkomen van de veroordeelde en de hoge kosten van incasso via deurwaarder, was het volgens de rechtbank onredelijk dat het CJIB niet enkele dagen had gewacht om het bedrag zonder extra kosten te innen.
Daarom verklaarde de rechtbank het verzet gegrond en wees de incasso van deurwaarderskosten af.
Uitkomst: Verzet gegrond verklaard wegens onredelijkheid incasso deurwaarderskosten bij geringe restbetaling boete.