ECLI:NL:RBUTR:1999:AA3705
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- J.J.A.G. van der Bruggen
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot openbaarmaking vertrouwelijke informatie raadsvoorstel gemeente Utrecht
Verzoekers, waaronder de Vereniging Leefbaar Utrecht en diverse gemeenteraadsleden, verzochten op 27 september 1999 op grond van de Wet Openbaarheid van Bestuur (WOB) om alle relevante informatie over raadsvoorstel 265, dat op 30 september 1999 behandeld zou worden, openbaar te maken of ter inzage te leggen.
Verweerder, het College van burgemeester en wethouders van Utrecht, weigerde op 28 september 1999 openbaarmaking van de meeste gevraagde stukken op grond van artikel 10 van Pro de WOB, vanwege vertrouwelijkheid en bescherming van economische en financiële belangen. Alleen de regeling ex artikel 33 van Pro de Gemeentewet werd verstrekt.
Verzoekers stelden dat openbaarmaking noodzakelijk was voor een goed democratisch debat en dat er geen gegronde redenen waren voor geheimhouding. De rechtbank oordeelde echter dat de belangen bij geheimhouding zwaarder wegen, omdat openbaarmaking de onderhandelingspositie van de gemeente en partners zou schaden en vertrouwelijke bedrijfsgegevens zou prijsgeven.
De rechtbank wees het verzoek om een voorlopige voorziening af en bevestigde dat de Awb geen rechtsbescherming biedt voor het recht op inlichtingen van individuele gemeenteraadsleden zoals neergelegd in artikel 169 van Pro de Gemeentewet. De gevraagde stukken behoefden niet te worden verstrekt en de procedurekosten werden niet aan verweerder opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om openbaarmaking van vertrouwelijke documenten wordt afgewezen vanwege bescherming van economische en financiële belangen.