ECLI:NL:RBUTR:1999:AF0498
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.C. van Kekem
- H.G. Ruijs
- W.W. de Nijs Bik
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw aangegane schulden na faillissement
Verzoekster diende een verzoek in tot toepassing van de schuldsaneringsregeling voor haar eenmanszaak, die een voortzetting vormde van een failliete vennootschap waarvan haar vader grootaandeelhouder was.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat de eenmanszaak slechts in naam voor rekening van verzoekster werd gedreven, terwijl de feitelijke bedrijfsvoering volledig door haar vader werd uitgevoerd. Verzoekster had geen invloed op het bedrijf en onttrok zich daarmee aan haar verantwoordelijkheden.
De rechtbank oordeelde dat de schulden van de eenmanszaak onverplicht en niet te goeder trouw waren aangegaan. Op grond van artikel 288 lid 2 sub b van Pro de Faillissementswet werd het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen.
Uitkomst: Verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling is afgewezen wegens niet te goeder trouw aangegane schulden.