ECLI:NL:RBUTR:2000:AA6830
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- H.J. Schepen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verwijdering caravans op parkeerterrein
Verzoekers hadden caravans geplaatst op een parkeerterrein aan de […]weg te [plaats] en werden door de gemeente Utrecht aangesproken om deze te verwijderen. Verzoekers maakten bezwaar en vroegen de rechtbank om een voorlopige voorziening om verwijdering te voorkomen.
De rechtbank stelde vast dat verzoekers met hun caravans op het terrein overnachtten, wat verboden is volgens artikel 43 van Pro de Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Daarnaast stonden de caravans langer dan drie dagen op het terrein, wat in strijd is met artikel 105 van Pro de APV. Verweerder, de gemeente, was daarom bevoegd handhavend op te treden.
Er was geen sprake van bijzondere omstandigheden die handhaving zouden moeten verhinderen. Verzoekers konden niet aannemelijk maken dat zij elders terecht konden of dat er een noodsituatie was. Eén verzoeker had het terrein inmiddels verlaten en had geen spoedeisend belang meer.
De rechtbank oordeelde dat de aanschrijving tot verwijdering van de caravans aanvaardbaar was en wees het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens werden geen proceskosten aan verzoekers toegekend.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het verwijderen van caravans op het parkeerterrein wordt afgewezen.