ECLI:NL:RBUTR:2000:AA7372
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Strafrechtelijke veroordeling school voor nalatigheid bij schoolzwemmen met dodelijk slachtoffer
Op 11 mei 1998 vond een schoolzwemles plaats waarbij een groep kinderen, waaronder het 7-jarige slachtoffer, deelnam aan een vrije spelles in een zwembad te Nieuwegein. Tijdens deze les was het toezicht gebrekkig: zweminstructeurs waren niet geïnformeerd over de zwemvaardigheid van de kinderen en er was geen overleg tussen de school en het zwembad over de invulling van de les en het toezicht. Het slachtoffer, dat niet kon zwemmen, raakte onder water in het bubbelbad en werd levenloos uit het water gehaald. Ondanks reanimatie en intensieve ziekenhuisbehandeling overleed het kind twaalf dagen later.
De rechtbank stelt vast dat de school onvoldoende zorg heeft gedragen voor de veiligheid van de leerlingen. De zweminstructeurs en leerkrachten waren niet adequaat geïnstrueerd en hielden onvoldoende toezicht, wat heeft geleid tot het dodelijke ongeval. De school wordt als rechtspersoon verantwoordelijk gehouden voor het gedrag van haar personeel en de gebrekkige organisatie van het schoolzwemmen.
De rechtbank veroordeelt de school tot een geldboete van 25.000 gulden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar. De uitspraak benadrukt het belang van duidelijke afspraken en toezicht bij schoolzwemmen om de veiligheid van kinderen te waarborgen.
Uitkomst: De school is veroordeeld tot een voorwaardelijke geldboete van 25.000 gulden wegens nalatigheid die heeft geleid tot de verdrinking en het overlijden van een leerling.