ECLI:NL:RBUTR:2000:AA8497
Rechtbank Utrecht
- Hoger beroep
- N.E. Kerssies
- C.A.M. Walsteijn
- E.A. Messer
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst niet verlengd wegens zwangerschap strijdig met discriminatieverbod
Appellante was verkoopster bij geïntimeerde op basis van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van 1 juli 1997 tot 1 januari 1998. Zij meldde haar zwangerschap op 5 december 1997. Geïntimeerde deelde schriftelijk mee het contract niet te verlengen en bood een oproepcontract aan, dat werd afgewezen.
De kantonrechter had de arbeidsovereenkomst voorwaardelijk ontbonden per 1 augustus 1998. Appellante stelde dat het dienstverband was voortgezet, maar in hoger beroep richtte zij zich tegen het oordeel dat de reden van niet-verlenging niet getoetst kon worden.
De rechtbank oordeelde dat het niet verlengen van het contract vanwege zwangerschap in strijd is met artikel 7:646 BW Pro (discriminatieverbod) en goed werkgeverschap. Geïntimeerde heeft onvoldoende weersproken dat zij het contract uitsluitend wegens zwangerschap niet verlengde.
De rechtbank staat toe dat geïntimeerde bewijs levert, onder meer door getuigenverhoor, om aan te tonen dat het discriminatieverbod niet is overtreden. Het vonnis kan alleen tegelijk met het eindvonnis worden aangevochten in cassatie. Verdere beslissing wordt aangehouden.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het niet verlengen van de arbeidsovereenkomst vanwege zwangerschap in strijd is met het discriminatieverbod en staat bewijslevering toe door de werkgever.