ECLI:NL:RBUTR:2002:AE0312
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- A. Herstel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen overtredingen Wet arbeid vreemdelingen en Arbeidstijdenwet
De rechtbank Utrecht heeft op 19 maart 2002 uitspraak gedaan in een zaak tegen een verdachte die als werkgever werd vervolgd voor het medeplegen van diverse overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen en de Arbeidstijdenwet. De verdachte liet vreemdelingen zonder tewerkstellingsvergunning arbeid verrichten en hield geen deugdelijke registratie bij van arbeids- en rusttijden. Tevens organiseerde hij de arbeid zodanig dat werknemers de maximale arbeidsduur overschreden.
De raadsvrouwe voerde aan dat alleen de medeverdachte als werkgever kon worden aangemerkt voor de registratieplicht, maar de rechter gaf een extensieve uitleg aan het werkgeversbegrip en wees zowel verdachte als medeverdachte aan als werkgevers. Het verweer van onbekendheid met de wet werd verworpen als afwezigheid van alle schuld.
De rechtbank achtte de feiten wettig en overtuigend bewezen en veroordeelde de verdachte tot betaling van 53 geldboetes van €500 voor de overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen en 37 geldboetes van €500 voor overtredingen van de Arbeidstijdenwet, plus een afzonderlijke boete van €5000 voor de eerste categorie overtredingen. De ernst van de feiten werd benadrukt vanwege het risico op uitbuiting van buitenlandse werknemers en concurrentievervalsing.
De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. Het vonnis werd gewezen door rechter A. Herstel en uitgesproken op de openbare terechtzitting.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot betaling van in totaal €45.000 aan geldboetes voor medeplegen van overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen en de Arbeidstijdenwet.