ECLI:NL:RBUTR:2002:AE2631
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- P.B.M.J. van der Beek-Gillessen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen verwijderingsbevel ligplaats Merwedekanaal
Verzoeker lag sinds juli 2000 met zijn vaartuig zonder vergunning afgemeerd aan het Merwedekanaal te Utrecht. De gemeente Utrecht heeft op 24 oktober 2001 een besluit genomen waarin verzoeker werd opgedragen het vaartuig voor 1 januari 2002 te verplaatsen of te verwijderen, met bestuursdwang als sanctie.
Verzoeker maakte tijdig bezwaar tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening. De rechtbank oordeelde dat de gemeente op goede gronden de vergunning had geweigerd en dat het illegale gebruik van de ligplaats vaststond. Er waren geen bijzondere omstandigheden die het besluit onredelijk maakten.
De rechtbank bevestigde dat de gemeente bevoegd was tot het opleggen van bestuursdwang en dat het handhavingsbeleid, ondanks eerdere minder strikte toepassing, nu strikt wordt gehandhaafd. De termijn van verwijdering werd als redelijk beoordeeld, mede omdat verzoeker een aanvullende termijn van vier weken kreeg na uitspraak.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om een voorlopige voorziening af en bevestigde daarmee het besluit van de gemeente Utrecht.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen het verwijderingsbevel van het vaartuig aan het Merwedekanaal is afgewezen.