ECLI:NL:RBUTR:2003:AF7067
Rechtbank Utrecht
- Raadkamer
- T.P.H. de Roos
- J.M. Bruins
- H. Manuel
- Rechtspraak.nl
Bevel tot bewaring na vernietiging afwijzing vordering inbewaringstelling
De officier van justitie stelde hoger beroep in tegen de afwijzing van de vordering tot inbewaringstelling van verdachte door de rechter-commissaris. De rechter-commissaris vond dat de politie niet bevoegd was een stopteken te geven omdat verdachte en zijn medeverdachte toen nog niet als verdachten konden worden aangemerkt.
De officier van justitie betoogde dat het geven van een stopteken geen dwangmiddel is waarvoor verdenking vereist is en dat de politie het stopteken terecht gaf. Na het stoppen ontstond een verdenking op grond van waarnemingen buiten de auto, waaronder het zien van een schroevendraaier en mogelijk bebloed papier.
De rechtbank oordeelt dat de politie te allen tijde bevoegd is een stopteken te geven en dat verdachte vrijwillig hieraan gevolg gaf. De rechtbank vernietigt de eerdere beschikking en beveelt de bewaring van verdachte voor tien dagen wegens ernstige bezwaren en gewichtige redenen van maatschappelijke veiligheid, met inachtneming van de Penitentiaire Beginselenwet.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de bewaring van verdachte voor tien dagen wegens ernstige bezwaren en maatschappelijke veiligheid.