ECLI:NL:RBUTR:2003:AM3107
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering vergunning particulier beveiligingsbedrijf wegens onbetrouwbaarheid leidinggevende
Eiseres verzocht om een vergunning voor het instandhouden van een particulier beveiligingsbedrijf en toestemming om werknemers met de leiding te belasten. Verweerder weigerde deze vergunning en toestemming op grond van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr), mede gebaseerd op strafrechtelijke antecedenten van een werknemer die belast zou worden met de leiding.
De rechtbank oordeelde dat de hardheidsclausule uit de circulaire niet van toepassing was omdat deze alleen geldt voor beslissingen van de korpschef, terwijl de bevoegdheid hier bij verweerder lag. De rechtbank vond dat verweerder voldoende had gemotiveerd waarom de betrouwbaarheidseis niet werd gehaald, mede vanwege ernstige verdenkingen van geweldsdelicten door de werknemer.
Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de mededelingen waarop eiseres zich beroept, berustten op een misverstand en geen gerechtvaardigde verwachting konden scheppen dat de vergunningprocedure zou leiden tot schorsing van het besluit. Het beroep werd ongegrond verklaard en het besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit om geen vergunning te verlenen blijft in stand.