ECLI:NL:RBUTR:2003:AN9170
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
L2BH krijgt informatie over contacten UMC Utrecht met FCM toegewezen
L2BH en UMC Utrecht zijn betrokken bij een geschil over de informatieverstrekking omtrent contacten met het Amerikaanse bedrijf FCM, dat eerder financiering voor onderzoek leverde. Na het niet nakomen van financiële verplichtingen door FCM, sloot UMC Utrecht in mei 2003 een samenwerkingsovereenkomst met L2BH, waarbij eigendomsrechten op onderzoeksresultaten werden overgedragen.
L2BH vorderde in kort geding inzage in alle contacten en correspondentie tussen UMC en FCM vanaf de datum van de samenwerkingsovereenkomst, alsmede een spreekverbod voor UMC-medewerkers en een verbod op contact tussen UMC en FCM zonder toestemming van L2BH. De rechtbank oordeelde dat UMC Utrecht contractueel verplicht is om de gevraagde informatie te verstrekken, mits deze dienstig is voor L2BH om de gevolgen van de aanspraken van FCM in te schatten.
De vorderingen tot het opleggen van een spreekverbod en het verbod op contact met FCM werden afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing. UMC Utrecht werd veroordeeld tot het verstrekken van de informatie binnen zeven dagen, met een dwangsom voor niet-nakoming en werd in de proceskosten veroordeeld. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: UMC Utrecht is veroordeeld om binnen zeven dagen informatie over contacten met FCM te verstrekken aan L2BH, met een dwangsom bij niet-nakoming.