De rechtbank Utrecht heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf van 3 jaar en 10 maanden wegens betrokkenheid bij meerdere strafbare feiten, waaronder diefstal door vereniging, voortgezette afpersing met geweld en poging daartoe.
De feiten betreffen een overval op een postkantoor waarbij geweld en bedreiging met een vuurwapen werden gebruikt, een poging tot een tweede overval op hetzelfde postkantoor waarbij het vertragingsslot op de kluis voorkwam dat geld werd buitgemaakt, en een diefstal uit een winkel waarbij geld uit de kassalade werd genomen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op verklaringen van slachtoffers, medeverdachten en politieambtenaren, alsmede op videobeelden van bewakingscamera's. Verdachte had een leidende rol in de planning en uitvoering van de overvallen, hoewel hij niet altijd zelf het vuurwapen droeg.
De rechtbank hield rekening met de ernst van de feiten, de impact op de slachtoffers die angst en trauma ondervonden, en het eerdere strafblad van verdachte. De opgelegde straf houdt rekening met het feit dat verdachte bekend heeft en dat de tijd in voorlopige hechtenis wordt verrekend.
De rechtbank sprak verdachte vrij van enkele tenlastegelegde feiten die niet wettig en overtuigend waren bewezen.