ECLI:NL:RBUTR:2004:AO5330
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J.A. Meertens
- E.C. Ruinaard
- H. Manuel
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke besmetting met HIV en zware mishandeling
De rechtbank Utrecht heeft op 4 maart 2004 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die zijn mannelijke levenspartner bewust heeft besmet met het HIV-virus. Verdachte had vanaf het begin van hun relatie in 1997 verzwegen dat hij al jaren HIV-positief was en gaf zelfs onjuiste informatie over zijn serostatus. Hierdoor heeft hij bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat hij zijn partner zou besmetten.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het subsidiair ten laste gelegde feit van zware mishandeling heeft begaan door het slachtoffer met HIV te besmetten. Het primaire ten laste gelegde feit werd niet bewezen verklaard. De rechtbank nam mee dat verdachte geen inzicht toonde in de verstrekkende gevolgen van zijn handelen en alleen zijn eigenbelang nastreefde.
Bij de strafoplegging hield de rechtbank rekening met de ernst van het feit, de psychische en fysieke gevolgen voor het slachtoffer, en de persoonlijkheidsproblematiek van verdachte. Verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk door de officier van justitie gevorderd, maar de rechtbank legde een geheel onvoorwaardelijke straf op.
De rechtbank wees tevens een deel van de immateriële schadevergoeding van het slachtoffer toe, €10.000, en veroordeelde verdachte tot betaling hiervan. Het overige deel van de schadevergoeding werd afgewezen en moet via de burgerlijke rechter worden gevorderd.
Uitkomst: Verdachte wordt veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf en betaling van €10.000 schadevergoeding wegens opzettelijke besmetting met HIV en zware mishandeling.