ECLI:NL:RBUTR:2004:AO6490
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beoordeling nakomingsovereenkomst detachering personeel tussen Bosman en TNT
Bosman en TNT sloten een overeenkomst voor detachering van personeel waarbij TNT de werknemers van Bosman zou overnemen bij beëindiging van de overeenkomst, tenzij TNT de overeenkomst beëindigde vanwege opzegging door een derde partij. Na overname van Compaq door HP beëindigde HP de logistieke overeenkomst met TNT, waarop TNT de overeenkomst met Bosman beëindigde met beroep op de uitzondering.
Bosman vorderde nakoming van de overeenkomst en stelde dat TNT het personeel per 1 augustus 2004 moest overnemen. De rechtbank onderzocht of TNT terecht een beroep deed op de uitzondering in artikel 3.2 van de overeenkomst en oordeelde dat TNT niet gehouden was tot overname.
De rechtbank overwoog dat de opzegging door TNT niet per aangetekend schrijven was gedaan, maar dat Bosman tijdig en voldoende op de hoogte was gesteld. Ook was het redelijk dat TNT de overeenkomst per 31 juli 2004 beëindigde, ondanks dat de hoofdovereenkomst met HP formeel per 1 juli 2004 eindigde, vanwege een transitieperiode.
De rechtbank concludeerde dat TNT de overeenkomst rechtsgeldig had beëindigd zonder verplichting tot overname van het personeel en wees de vordering van Bosman af. Bosman werd veroordeeld in de kosten van het geding.
Uitkomst: TNT is niet gehouden de werknemers van Bosman over te nemen na beëindiging van de overeenkomst.