ECLI:NL:RBUTR:2004:AP1316
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening vergoeding pruik transseksueel vanwege ontbrekende medische indicatie
Verzoeker, een man die transseksueel is van man naar vrouw en onder behandeling staat van het genderteam van het VU Medisch Centrum, verzocht om vergoeding van een confectie haarwerk in afwachting van een maatwerk pruik. De aanvraag werd afgewezen door verweerster, Agis Zorgverzekeringen, omdat de aanvraag niet was voorzien van een indicatie van een huisarts of medisch specialist, zoals vereist volgens de Regeling hulpmiddelen 1996 en het Reglement Hulpmiddelen 2003.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aanvraag niet voldeed aan de formele voorwaarden, aangezien de verklaring van een medisch consultant niet als een medische indicatie door een arts werd erkend. Hoewel het genderteam de diagnose transseksualiteit had vastgesteld, ontbrak een medische verklaring ter ondersteuning van de aanvraag. De rechtbank merkte op dat het juridische geslacht bij de beoordeling van de vergoeding leidend is, maar stelde ook vraagtekens bij dit standpunt van verweerster.
Gezien het ontbreken van een geldige medische indicatie was er geen aanleiding om een voorlopige voorziening te treffen. Het verzoek werd daarom afgewezen en er werden geen proceskosten aan verzoeker toegekend.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening voor vergoeding van een pruik werd afgewezen wegens het ontbreken van een medische indicatie door een arts.