ECLI:NL:RBUTR:2004:AR2222
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.J.A. Meertens
- F.M.D. Aardema
- P.J.M. Mol
- Rechtspraak.nl
Veroordeling wegens opzettelijk onjuiste belastingaangifte en belastingontduiking via Luxemburgse bankrekening
De rechtbank Utrecht heeft op 8 september 2004 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen verdachte die ervan werd verdacht opzettelijk onjuiste aangiften inkomsten- en vermogensbelasting te hebben gedaan. Verdachte had gedurende drie jaar een aanzienlijk bedrag op een Luxemburgse bankrekening geplaatst met de bedoeling dit vermogen buiten het zicht van de Nederlandse fiscus te houden, gebruikmakend van het aldaar geldende bankgeheim.
De verdediging voerde onder meer aan dat het bewijsmateriaal onrechtmatig was verkregen en dat de officier van justitie niet ontvankelijk moest worden verklaard. De rechtbank oordeelde echter dat de verklaringen en bankafschriften niet onrechtmatig waren verkregen, mede omdat het onderzoek startte na een spontane gegevensuitwisseling tussen Belgische en Nederlandse autoriteiten binnen de kaders van de EU-richtlijn 77/799/EEG.
Daarnaast werd aangevoerd dat verdachte vanwege zijn leeftijd niet vervolgd had mogen worden, maar de rechtbank stelde vast dat het onderzoek begon toen verdachte 68 jaar was, en dat de leeftijdscriteria geen absolute uitsluiting vormden. Ook werd het verweer van overschrijding van de redelijke termijn verworpen vanwege de complexiteit en landelijke afstemming van het onderzoek.
De rechtbank verklaarde bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten had begaan en veroordeelde hem tot een geldboete van €20.000, te vervangen door 235 dagen hechtenis bij niet-betaling. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €20.000, te vervangen door 235 dagen hechtenis bij niet-betaling.