ECLI:NL:RBUTR:2004:AR3577
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Wijziging geslachtsnaam minderjarig kind ondanks bezwaren vader
Eiseres verzocht namens haar minderjarige zoon de geslachtsnaam te wijzigen van die van de vader naar haar eigen naam. De Minister van Justitie wees dit verzoek af na bezwaar van de vader, die een sterke band met de Molukse achternaam van de familie benadrukte. De Raad voor de Kinderbescherming had echter geadviseerd het verzoek toe te wijzen, omdat het belang van het kind zich daar niet tegen verzette.
De rechtbank oordeelde dat het besluit van de minister niet voldoende gemotiveerd was, met name omdat het loyaliteitsconflict dat het kind zou ervaren door de naamswijziging door het behoud van de huidige situatie juist wordt vergroot. De rechtbank vond dat het kind, dat bijna twaalf jaar wordt, nu al recht heeft op de naamswijziging en dat het wachten tot de leeftijd van twaalf jaar de emotionele belasting alleen maar zou vergroten.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de minister een voordracht voor een koninklijk besluit tot naamswijziging moet doen, maar pas nadat de beroepsprocedure is afgerond. Tevens werd de minister veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten van eiseres.
De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige belangenafweging waarbij het belang van het kind voorop staat, en erkent de deskundigheid van de Raad voor de Kinderbescherming. Het arrest geeft inzicht in de toepassing van het Besluit geslachtsnaamswijziging en de rol van loyaliteitsconflicten bij minderjarige kinderen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de geslachtsnaamswijziging wordt vernietigd, met opdracht tot voordracht voor koninklijk besluit.