ECLI:NL:RBUTR:2004:AR4974
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- G. van Zeben
- A.M.M.E. Doekes
- A. Smit
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 8 jaar gevangenisstraf voor gruwelijke doodslag op broer met hakbijl en messen
Op 6 februari 2004 werd het slachtoffer, de broer van verdachte, op gruwelijke wijze om het leven gebracht door ongeveer 40 steek- en snijwonden met een hakbijl en drie messen. Het slachtoffer leefde nog kort na het incident en kroop naar het trappenhuis voordat hij overleed aan bloedverlies.
De rechtbank baseerde haar oordeel op diverse bewijsmiddelen, waaronder getuigenverklaringen, technische onderzoeken van bloedsporen en voorwerpen, en telefoonlocaties. Verdachte gaf tegenstrijdige verklaringen over de toedracht en het bezit van een pet met bloed van het slachtoffer, wat door de rechtbank als leugenachtig werd beoordeeld.
Psychiatrische rapportages stelden vast dat verdachte leed aan cocaïnemisbruik en een persoonlijkheidsstoornis, maar volledig toerekeningsvatbaar was. De rechtbank verwierp het beroep op niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie wegens vermeend onderzoeksvormverzuim.
De rechtbank veroordeelde verdachte tot een gevangenisstraf van 8 jaar, waarbij de tijd in voorarrest in mindering wordt gebracht. Terbeschikkingstelling met verpleging werd niet opgelegd wegens gebrek aan aanwijzingen daarvoor in de deskundigenrapporten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 8 jaar gevangenisstraf voor doodslag op zijn broer.