ECLI:NL:RBUTR:2005:AS6703
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verbod vader om zonder instemming moeder met minderjarige naar het buitenland te verhuizen
De rechtbank Utrecht heeft op 26 januari 2005 uitspraak gedaan in een zaak waarbij de vader verzocht om de gewone verblijfplaats van hun minderjarige kind te wijzigen naar Dubai, waar hij wilde emigreren. De ouders zijn gezamenlijk met het gezag belast en het kind woont momenteel bij de vader in Nederland, met een omgangsregeling voor de moeder.
De rechtbank oordeelt dat het belang van het kind het best wordt gediend door de huidige situatie te handhaven, waarbij het kind in Nederland blijft wonen en regelmatig contact heeft met de moeder, die in een verpleeghuis verblijft. De vader heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij een arbeidsovereenkomst in Dubai heeft en dat er geen werkmogelijkheden in Nederland zijn.
De rechtbank bepaalt dat de vader zonder instemming van de moeder niet met het kind mag emigreren, mede op grond van het HKOV-verdrag. Tevens wijst de rechtbank het verzoek tot wijziging van de gewone verblijfplaats af en bevestigt de omgangsregeling waarbij de moeder het kind eenmaal per veertien dagen op zaterdagmiddag ziet.
Daarnaast wordt de echtscheiding uitgesproken en het huurrecht van de echtelijke woning aan de vader toegewezen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad, met uitzondering van de echtscheiding.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt de vader zonder instemming van de moeder met het kind Nederland te verlaten en zich elders te vestigen.