ECLI:NL:RBUTR:2005:AT4469
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.C.P.M. Straver
- L.M.G. de Weerd
- Ch.E. Bethlem
- Rechtspraak.nl
Schending zorgplicht bank bij aandelenleaseovereenkomst met gevolgen voor nakoming en dwaling
De zaak betreft een aandelenleaseovereenkomst tussen Dexia Bank Nederland N.V. en een consument, waarbij Dexia de rechten en verplichtingen van een eerdere bank heeft overgenomen. De consument was in gebreke gebleven met betalingen, waarna Dexia aandelen verkocht en betaling van het restant vorderde.
De consument stelde dat de overeenkomst onder dwaling tot stand was gekomen en dat Dexia haar zorgplicht had geschonden door onvoldoende te informeren over de risico's en niet te onderzoeken of het product bij hem paste. De rechtbank oordeelde dat het beroep op dwaling onvoldoende was onderbouwd en verwierp dit. Wel stelde de rechtbank vast dat Dexia niet had voldaan aan haar bijzondere zorgplicht, omdat zij geen volledige informatie had ingewonnen over de financiële situatie van de consument en hem niet had gewaarschuwd voor de risico's.
De rechtbank concludeerde dat Dexia onrechtmatig had gehandeld jegens de consument door tekort te schieten in haar zorgplicht. De vordering van Dexia tot betaling werd aangehouden om de bank in de gelegenheid te stellen haar standpunt over de eigen verantwoordelijkheid van de consument en de gevolgen van de schending van de zorgplicht nader toe te lichten. De vordering tot vernietiging van de overeenkomst en restitutie door de consument werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat Dexia haar zorgplicht heeft geschonden en onrechtmatig heeft gehandeld, wijst het beroep op dwaling af en houdt de vordering tot betaling aan voor nadere beoordeling.