ECLI:NL:RBUTR:2005:AU3842
Rechtbank Utrecht
- Voorlopige voorziening
- W. van Veen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering Oriontaxi tegen Utrechtse Taxi Centrale wegens ondeugdelijkheid en gebrek aan causaal verband
De zaak betreft een kort geding tussen Oriontaxi B.V. en Utrechtse Taxi Centrale B.V. (UTC) over vorderingen van Oriontaxi tot terugbetaling van inleggelden en schadevergoeding wegens waardevermindering van exploitatierechten en gederfde omzet.
Oriontaxi stelde dat zij recht had op uitkering van inleggelden op grond van lidmaatschap van de Coöperatie en dat UTC tekort was geschoten in haar verplichtingen, waardoor schade was geleden. UTC voerde verweer dat Oriontaxi niet voldoet aan de statutaire lidmaatschapseisen en dat de waardedaling van exploitatierechten een markt- en bedrijfsrisico is, waarvoor UTC niet aansprakelijk is.
De voorzieningenrechter oordeelde dat Oriontaxi onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij recht heeft op de gevorderde bedragen. Het lidmaatschap van Oriontaxi was niet ononderbroken vijf jaar geweest, waardoor uitkering van inleggelden niet toekomt. Ook ontbrak het causaal verband tussen het vermeende tekortschieten van UTC en de waardedaling en omzetderving. De vordering was ondeugdelijk en het conservatoir beslag werd opgeheven. Oriontaxi werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van Oriontaxi wordt afgewezen en het conservatoir beslag op UTC wordt opgeheven.