ECLI:NL:RBUTR:2007:BB8981
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering verhuurder tot verwijdering schotelantenne wegens recht op vrije nieuwsgaring
Mitros verhuurde een zelfstandige woonruimte aan [gedaagde] met toepasselijkheid van Algemene Huurvoorwaarden en het huishoudelijk reglement van de VvE, waarin het plaatsen van schotelantennes verboden is zonder toestemming. [gedaagde] plaatste een kleine schotelantenne in haar tuin zonder toestemming en ontving hiermee een Berbers-talige nieuwszender. Mitros vorderde verwijdering en herstel van het gehuurde.
[gedaagde] voerde verweer dat zij niet toerekenbaar tekortgeschoten is, omdat zij de voorwaarden pas na ondertekening ontving, zij analfabeet is en geen Nederlands spreekt, en dat het plaatsen van een losse schotelantenne niet onder het verbod valt. Tevens beroept zij zich op haar recht op vrije nieuwsgaring (art. 10 EVRM Pro) en het feit dat alternatieven onvoldoende zijn.
De rechtbank oordeelt dat de Algemene Huurvoorwaarden en het reglement van de VvE van toepassing zijn, dat art. 14 AHV Pro niet onredelijk bezwarend is en dat bij tegenstrijdige bepalingen de minst bezwarende voor de huurder geldt. De belangenafweging leidt ertoe dat het recht op vrije nieuwsgaring van [gedaagde], gelet op haar persoonlijke omstandigheden, zwaarder weegt dan het belang van Mitros bij het verbod. Daarom is geen sprake van toerekenbare tekortkoming en worden de vorderingen afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot verwijdering van de schotelantenne af vanwege het recht op vrije nieuwsgaring van de huurder.