ECLI:NL:RBUTR:2007:BB9032
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- H.J. Schepen
- Rechtspraak.nl
Verbod op voorgenomen collectieve acties FNV Bondgenoten tegen HTM wegens onvoldoende dekking ESH
HTM Personenvervoer N.V. vordert in kort geding dat FNV Bondgenoten wordt verboden om de voorgenomen collectieve acties bij HTM voort te zetten. Deze acties zijn gericht tegen het Stadsgewest Haaglanden vanwege een aanbestedingsprocedure voor openbaar vervoerconcessies.
De rechtbank oordeelt dat het recht op collectieve actie wordt beheerst door artikel 6 lid 4 van Pro het Europees Sociaal Handvest (ESH), dat het recht op collectief optreden erkent in belangengeschillen over arbeidsvoorwaarden. De acties van FNV Bondgenoten zijn echter gericht tegen besluiten van de lokale overheid over aanbestedingsprocedures en gunningscriteria, en niet direct tegen arbeidsvoorwaarden.
Omdat onvoldoende aannemelijk is dat de acties verband houden met de arbeidsvoorwaarden van de leden, vallen deze niet onder de bescherming van artikel 6 lid 4 ESH Pro. De voorgenomen acties worden daarom als zuiver politieke stakingen aangemerkt, die onder Nederlands recht niet rechtmatig zijn. De vordering van HTM wordt toegewezen, waarbij FNV Bondgenoten wordt bevolen de acties niet door te laten gaan. De gevorderde dwangsom wordt afgewezen wegens voldoende vertrouwen in nakoming. FNV Bondgenoten wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: FNV Bondgenoten wordt verboden collectieve acties te voeren bij HTM omdat deze niet onder de dekking van artikel 6 lid 4 ESH vallen.