ECLI:NL:RBUTR:2008:BC6459
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betwisting betaling en verdeling gemeenschap na relatiebeëindiging
In deze zaak staat de verdeling van de gemeenschap tussen partijen na het uiteengaan centraal. Eiseres vordert betaling van een bedrag van €14.157,94, gebaseerd op een vermeende afspraak over de uitkoop van haar aandeel. Zij baseert haar vordering op een berekening van de waarde van de woonark, ligplaats, walaccommodatie en auto's, verminderd met schulden en hypotheken, en een aanvullende afspraak over een bedrag voor de kinderen.
De rechtbank beoordeelt de verklaring van eiseres als die van een partijgetuige, welke beperkte bewijskracht heeft en alleen bewijs kan leveren indien er aanvullend bewijs is. Hoewel de rechtbank aannemelijk acht dat partijen aanvankelijk berekeningen hebben gemaakt en een afspraak over €50.000,00 voor de kinderen is vastgelegd, ontbreekt voldoende bewijs voor de afspraak dat gedaagde een hoger bedrag aan eiseres zou betalen dan hij daadwerkelijk heeft geleend.
Gedaagde ontkent de afspraak over het resterende bedrag en stelt dat hij met de betaling van fl. 78.800,00 aan zijn verplichtingen heeft voldaan. De rechtbank concludeert dat eiseres niet in haar bewijs is geslaagd en wijst de vordering tot betaling van €14.157,94 af.
Daarnaast veroordeelt de rechtbank gedaagde tot afgifte van persoonlijke inboedelgoederen aan eiseres en tot het stellen van hypothecaire zekerheid van €22.689,00 ten behoeve van de kinderen. De proceskosten worden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De vordering tot betaling van €14.157,94 wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs van afspraak.