ECLI:NL:RBUTR:2008:BC7697
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering schadevergoeding wegens asbestblootstelling op school
Eiser lijdt aan maligne mesothelioom, een ziekte veroorzaakt door asbestblootstelling. Hij volgde van 1984 tot 1990 onderwijs in een schoolgebouw waar in 1978 asbesthoudend brandwerend materiaal was aangebracht. Eiser vordert een voorschot van €50.000,- van de Scholenstichting, de rechtsopvolger van de school, wegens onrechtmatige blootstelling.
De rechtbank oordeelt dat voor toewijzing van de vordering het bestaan van een feitelijk causaal verband tussen de asbesthoudende materialen en de ziekte vereist is. Eiser heeft onvoldoende concrete feiten en deskundigenrapporten overlegd om aannemelijk te maken dat hij daadwerkelijk is blootgesteld aan asbestvezels door beschadiging van de afscherming van het materiaal.
De Scholenstichting betwist dat sprake is van blootstelling en stelt dat het asbesthoudend materiaal volledig was afgeschermd. Gezien het ontbreken van voldoende bewijs wordt de vordering afgewezen. De rechtbank laat de vraag naar onrechtmatig handelen in het midden en veroordeelt eiser in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot betaling van een voorschot op schadevergoeding wegens asbestblootstelling wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijk gemaakt causaal verband.