ECLI:NL:RBUTR:2008:BD0947

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
7 mei 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
228899/ HA ZA 07-702
Instantie
Rechtbank Utrecht
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verdeling nalatenschap vader tussen erfgenamen op basis van notariële conceptakte

In deze zaak stond de verdeling van de nalatenschap van de vader van eiseres en gedaagde centraal. Na een tussenvonnis van 12 december 2007 waarin de rechtbank beslissingen nam over de geschilpunten, werd partijen de gelegenheid gegeven een eindopstelling in te dienen. Eiseres bracht een conceptakte van notaris J. Kool in het geding, waarin de boedelbeschrijving, deelgerechtigdheid en verdeling waren opgenomen.

Gedaagde reageerde met een antwoordakte, maar bracht geen bezwaren tegen de conceptakte naar voren. De rechtbank besloot daarom de verdeling vast te stellen aan de hand van deze conceptakte. De verdeling omvatte toedeling van vorderingen, effecten en contanten aan beide partijen, met een netto erfdeel van circa EUR 232.505,31 voor eiseres en EUR 135.880,59 voor gedaagde, waarbij notariskosten over de periode 2005 tot afsluitdatum door beide partijen gelijkelijk worden gedragen.

Gedaagde verzocht in zijn antwoordakte het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, hetgeen door de rechtbank werd afgewezen omdat geen vertraging aan eiseres kon worden toegerekend en het verzoek onvoldoende was onderbouwd. De rechtbank bepaalde verder dat iedere partij haar eigen proceskosten draagt en dat het vonnis uitvoerbaar bij voorraad is. Het meer of anders gevorderde werd afgewezen.

Uitkomst: De rechtbank stelt de verdeling van de nalatenschap vast conform de notariële conceptakte en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rolnummer: 228899 / HA ZA 07-702
Vonnis van 7 mei 2008
in de zaak van
[eiseres],
wonende te [woonplaats],
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
procureur mr. E.H. de Jonge-Wiemans,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats],
gedaagde in conventie,
eiser in reconventie,
procureur mr. I.P.M. Boelens.
Partijen zullen hierna [eiseres] en [gedaagde] genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 12 december 2007
- de akte houdende overlegging van akte tot boedelbeschrijving, vaststelling
deelgerechtigheid en verdeling
- de antwoordakte.
1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De verdere beoordeling
in conventie en in reconventie
2.1. Bij tussenvonnis van 12 december 2007 heeft de rechtbank beslissingen genomen op de geschilpunten van partijen met betrekking tot de verdeling van de nalatenschap van de vader van [eiseres] en [gedaagde]. De rechtbank heeft bepaald dat [eiseres] een nadere (eind)opstelling in het geding kan brengen, waarin de beslissingen van de rechtbank zijn verwerkt, dat [gedaagde] vervolgens de gelegenheid heeft om op de opstelling te reageren en dat de rechtbank bij eindvonnis de verdeling zal vaststellen.
2.2. [eiseres] heeft bij akte van 13 februari 2008 een omstreeks 25 januari 2008 door notaris J. Kool te Zeist opgestelde conceptakte boedelbeschrijving, vaststelling deelgerechtigdheid en verdeling, met de daarbij behorende staat van inventarisatie (hierna: de conceptakte), in het geding gebracht.
2.3. [gedaagde] heeft bij akte van 12 maart 2008 geantwoord, in die zin dat hij heeft gereageerd op de in het tussenvonnis van 12 december 2007 door de rechtbank genomen beslissingen. De rechtbank heeft in het tussenvonnis onder 4.15. expliciet bepaald dat de akte beperkt dient te zijn tot het in het geding brengen van de eindopstelling en dit geldt ook voor de antwoordakte. De rechtbank zal dan ook niet ingaan op de door [gedaagde] in de antwoordakte opgeworpen stellingen tegen de beslissingen in het tussenvonnis van 12 december 2007.
2.4. In de door [eiseres] in het geding gebrachte conceptakte is rekening gehouden met de door de rechtbank op 12 december 2007 genomen beslissingen. Nu [gedaagde] overigens geen bezwaren tegen de conceptakte heeft aangevoerd, kan de verdeling dan ook worden vastgesteld aan de hand van de door de notaris opgestelde conceptakte en de daarbij behorende staat van inventarisatie.
2.5. De rechtbank komt tot de volgende opstelling:
Toegedeeld wordt aan
1. [eiseres]:
a) de vordering ten laste van haarzelf inclusief rente EUR 136.697,14
b) de helft van de effecten p.m.
c) een bedrag in contanten EUR 102.887,14
totaal EUR 239.584,28
zulks onder de verplichting voor haar om voor haar
rekening te nemen en als eigen schuld te voldoen de
aan haar toekomende huur ad EUR 7.078,97
resteert het aan haar toekomende netto erfdeel van EUR 232.505,31
2. [gedaagde]:
a) een bedrag in contanten EUR 133.817,59
b) de helft van de effecten p.m.
c) de vordering te zijnen laste EUR 2.063,00
resteert het aan hem toekomende netto erfdeel van EUR 135.880,59
welke netto erfdelen nog moeten worden verminderd met de notariskosten over de periode 1 januari 2005 tot en met de afsluitdatum van het dossier, welke kosten aan ieder der deelgenoten voor de helft in rekening worden gebracht.
2.6. [gedaagde] heeft, in tegenstelling tot wat hij aanvankelijk in reconventie vorderde, in de antwoordakte verzocht het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren. De rechtbank overweegt dat niet gebleken is dat de vertraging in de afwikkeling van de nalatenschap te wijten is aan [eiseres], zoals [gedaagde] stelt. De stelling van [gedaagde] dat de executie van het vonnis bij appel van hem eventueel tot nieuwe problemen zal leiden, heeft hij niet (nader) onderbouwd. Nu er ook overigens geen aanleiding bestaat om het vonnis niet uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, zal dit verzoek worden afgewezen.
3. De beslissing
De rechtbank
in conventie en in reconventie
3.1. stelt de verdeling van de nalatenschap van de vader van [eiseres] en [gedaagde] vast als overwogen in 2.5.,
3.2. bepaalt dat partijen elk gehouden zijn om de helft van de kosten, verbonden aan de uitvoering van deze verdeling, te voldoen,
3.3. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
3.4. compenseert de kosten van deze procedure tussen partijen, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt,
3.5. wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. P. Dondorp en in het openbaar uitgesproken op 7 mei 2008.
w.g. griffier w.g. rechter