ECLI:NL:RBUTR:2008:BD0951
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verkrijgende verjaring en mandelige erfafscheiding tussen buren bevestigd
Eiser en gedaagde zijn buren met aangrenzende percelen. Eiser vordert een verklaring voor recht dat hij eigenaar is geworden van een strook grond van 1,20 meter breed tussen de kadastrale erfgrens en de feitelijke erfgrens, waar vier betonnen palen met gaas stonden, op grond van verkrijgende verjaring. Tevens vordert hij medewerking van gedaagde aan notarieel transport en terugplaatsing van de erfafscheiding.
De rechtbank stelt vast dat de erfafscheiding sinds 1925 bestaat en dat eiser en zijn rechtsvoorgangers de strook grond ononderbroken in bezit hebben gehad, onder meer door het gebruik van een grindpad en het onderhouden van de uitbouw. Gedaagde betwist het bezit van de strook grond door eiser, maar erkent dat eiser eigenaar is van de uitbouw die over de kadastrale grens heen is gebouwd.
De rechtbank oordeelt dat de verjaringstermijn van 30 jaar is verstreken en dat eiser sinds 1 januari 1993 eigenaar is van de strook grond. De erfafscheiding wordt aangemerkt als mandelig, zodat gedaagde deze niet zonder toestemming mocht verwijderen. De rechtbank veroordeelt gedaagde tot medewerking aan notarieel transport en tot het plaatsen van een nieuwe erfafscheiding, waarbij de kosten door beide partijen worden gedeeld. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen wegens onvoldoende specificatie.
Uitkomst: Eiser is door verkrijgende verjaring eigenaar van de strook grond geworden en gedaagde wordt veroordeeld tot medewerking aan notarieel transport en het plaatsen van een nieuwe erfafscheiding.