ECLI:NL:RBUTR:2008:BD5978
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering niet-besteksconforme inschrijving bij aanbesteding kunstgrasveld
De Gemeente De Bilt schreef een nationale openbare aanbesteding uit voor de aanleg van de bovenbouw van een voetbalkunstgrasveld. Hierbij moesten inschrijvers voldoen aan specifieke technische eisen, waaronder dat de kunstgrasmat moest bestaan uit monofilamentvezels met een minimale dikte van 150 micron op het dikste punt.
Grontmij, als tweede inschrijver, stelde dat de inschrijving van de hoogste inschrijver, C.S.C., ongeldig was omdat de gebruikte kunstgrasmat niet overal een dikte van minimaal 150 micron had, maar varieerde tussen 80 en 240 micron. De gemeente en C.S.C. voerden aan dat de eis betrekking had op het dikste punt van de vezel, wat volgens het analyserapport werd gehaald.
De rechtbank oordeelde dat de uitleg van Grontmij feitelijk onmogelijk was, aangezien monofilamentvezels door hun productiewijze aan de uiteinden dunner zijn dan 150 micron. De bestekseis moest worden uitgelegd als een eis aan het dikste punt van de vezel, wat ook gebruikelijk is in de branche. De vordering van Grontmij werd daarom afgewezen en zij werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vorderingen van Grontmij worden afgewezen en zij wordt veroordeeld in de proceskosten.