ECLI:NL:RBUTR:2008:BD7427
Rechtbank Utrecht
- Kort geding
- M. van Delft-Baas
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot openen zwembad op camping en toewijzing huurachterstand
In deze zaak vordert de huurder van een horecagelegenheid op camping De Berekuil dat het zwembad op de camping geopend wordt, omdat hij meent dat dit onderdeel is van het 'op normale wijze geopend houden' van de camping zoals bepaald in een eerder vonnis. De voorzieningenrechter oordeelt echter dat het openhouden van het zwembad niet onder deze verplichting valt en dat er geen contractuele afspraak is die het openen van het zwembad verplicht stelt.
De camping is eigendom van de gedaagde, die tevens eigenaar is van het zwembad. De huurder stelt schade te lijden door het gesloten zwembad, maar de rechter acht het niet redelijk om de gedaagde te verplichten het zwembad te openen vanwege hoge kosten en geringe benutting.
Daarnaast vordert de gedaagde betaling van achterstallige huur, termijnen voor de koop van inventaris en energiekosten, en ontruiming van het gehuurde. De voorzieningenrechter wijst de ontruimingsvordering af omdat een aparte procedure loopt, maar veroordeelt de huurder tot betaling van de achterstallige bedragen met wettelijke rente.
De proceskosten worden aan de zijde van de huurder toegewezen. Het vonnis bevestigt dat het zwembad niet verplicht geopend hoeft te worden en legt de betalingsverplichtingen van de huurder vast.
Uitkomst: De vordering tot openen van het zwembad wordt afgewezen en eiser wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige huur en kosten.