ECLI:NL:RBUTR:2008:BE8343

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
20 augustus 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
246449/HA ZA 08-663
Instantie
Rechtbank Utrecht
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevel tot gerechtelijke plaatsopneming en comparitie ter minnelijke regeling in civiele zaak over erfgrens

In deze civiele procedure tussen eiser en gedaagde heeft de rechtbank Utrecht besloten tot het bevelen van een gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging van de percelen die onderwerp van geschil zijn. Beide partijen hebben aangegeven voorstander te zijn van deze plaatsopneming, omdat het onderwerp zich leent voor het ter plaatse vaststellen van de feitelijke situatie die niet of moeilijk in de rechtszaal kan worden overgebracht.

De plaatsopneming vindt plaats op 27 november 2008 en wordt voorafgegaan door een comparitie waarbij partijen, bijgestaan door hun advocaten, in persoon aanwezig moeten zijn. Tijdens deze zitting worden tevens inlichtingen gevraagd en wordt onderzocht of partijen tot een minnelijke regeling kunnen komen, waarbij ook de mogelijkheid van mediation aan de orde kan komen.

De rechtbank wijst erop dat het niet verschijnen van een partij bij de comparitie nadelige gevolgen kan hebben. Tevens is bepaald dat het proces-verbaal van de plaatsopneming binnen twee weken na de plaatsopneming moet worden ingediend en dat de zaak daarna weer op de rol komt voor verdere behandeling. De rechtbank houdt iedere verdere beslissing aan.

Uitkomst: De rechtbank beveelt een gerechtelijke plaatsopneming en comparitie om de erfgrens vast te stellen en houdt de zaak aan voor verdere beslissing.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rolnummer: 246449 / HA ZA 08-663
Vonnis van 20 augustus 2008
in de zaak van
1. [eiser sub 1],
wonende te [woonplaats],
2. [eiser sub 2],
wonende te [woonplaats],
eisers,
procureur mr. L.J.F.H. Walstock,
tegen
1. [gedaagde sub 1],
wonende te [woonplaats],
2. [gedaagde sub 2],
wonende te [woonplaats],
gedaagden,
procureur mr. F.A. Geevers.
Partijen zullen hierna [eiser c.s.] en [gedaagde c.s.] genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord.
1.2. Vervolgens heeft de rolrechter de zaak aangehouden om te beslissen of een comparitie zal worden gelast.
2. De overwegingen
2.1. Beide partijen hebben tegenover de rechtbank aangegeven voorstander te zijn van het houden van een gerechtelijke plaatsopneming (descente) in de onderhavige zaak. De rechtbank acht het in het licht hiervan en de aard van het onderwerp van het onderhavige geschil gewenst de plaatselijke gesteldheid op te nemen en zaken te bezichtigen die niet of bezwaarlijk ter terechtzitting kunnen worden overgebracht. De rechtbank zal tevens een comparitie bevelen om inlichtingen over de zaak te vragen en om te onderzoeken of partijen het op een of meer punten met elkaar eens kunnen worden. Daarbij kan de mogelijkheid van doorverwijzing naar een mediator aan de orde komen. [eiser c.s.] zal daarvoor, in overleg met [gedaagde c.s.], een neutrale locatie in de nabijheid van de plaats van bezichtiging en opneming dienen te reserveren.
2.2. Partijen kunnen een persoon van het kadaster bij de gerechtelijke plaatsopneming en bezichtiging aanwezig doen zijn. Voor zover het geschil betrekking heeft op de plaats van de erfgrens, dient [eiser c.s.] deze grens voordien door deze persoon te laten uitzetten.
2.3. De rechtbank wijst erop dat zij uit een niet verschijnen van een partij ter comparitie de gevolgtrekkingen - ook in het nadeel van die partij - kan maken die zij geraden zal achten.
3. De beslissing
De rechtbank
3.1. beveelt een plaatsopneming en bezichtiging, alsmede een verschijning van partijen, bijgestaan door hun advocaten, voor het geven van inlichtingen en ter beproeving van een minnelijke regeling op de terechtzitting van mr. H.M.M. Steenberghe op donderdag 27 november 2008 van 9:30 tot 13:30 uur, welke zitting zal aanvangen met de plaatsopneming en bezichtiging van de percelen die in geschil zijn, gelegen aan de [adres] en [adres], en voortgezet zal worden in een door [eiser c.s.] in overleg met [gedaagde c.s.] te reserveren neutrale locatie in de nabijheid van de plaats van opneming en bezichtiging,
3.2. bepaalt dat de partijen dan in persoon aanwezig moeten zijn,
3.3. bepaalt dat de partij die op genoemd tijdstip niet kan verschijnen, binnen twee weken na de datum van dit vonnis schriftelijk en gemotiveerd aan de rechtbank ter attentie van de secretaresse (mevrouw H. Alberts kamer A.2.16) - om een nadere dag- en uurbepaling dient te vragen onder opgave van de verhinderdata van alle partijen in de drie maanden volgend op genoemde datum,
3.4. bepaalt dat het proces-verbaal binnen twee weken na de plaatsopneming en bezichtiging ter griffie moet worden neergelegd,
3.5. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen op een dag die na afloop van de plaatsopneming en bezichtiging en comparitie van partijen zal worden vastgesteld,
3.6. houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. H.M.M. Steenberghe en in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2008.