ECLI:NL:RBUTR:2008:BE8900

Rechtbank Utrecht

Datum uitspraak
20 augustus 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
247538/ HA ZA 08-822
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevoegdheid rechtbank in geschil tussen werknemer en derde over arbeidsongeval

In deze zaak tussen Onderlinge Waarborgmaatschappij Anderzorg U.A. en Ulma Steigers B.V. stond de vraag centraal of de rechtbank ambtshalve de zaak moest verwijzen naar de sector kanton vanwege de aard van het geschil. De rechtbank heeft vastgesteld dat het geschil niet gaat over een arbeidsovereenkomst tussen werknemer en werkgever, maar over een conflict tussen een werknemer en een derde wiens hulppersoon het arbeidsongeval zou hebben veroorzaakt.

Gezien deze omstandigheden oordeelde de rechtbank dat de sector handels- en familierecht bevoegd is om de zaak te behandelen. Daarom werd besloten niet tot ambtshalve verwijzing over te gaan. De zaak werd terugverwezen naar de rol voor het nemen van een conclusie van antwoord.

De rechtbank bepaalde dat de zaak op 1 oktober 2008 weer op de rol komt voor verdere behandeling en hield iedere verdere beslissing aan. Het vonnis werd uitgesproken door rechter A.A.T. van Rens.

Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat de sector handels- en familierecht bevoegd is en wijst ambtshalve verwijzing naar sector kanton af.

Uitspraak

vonnis
RECHTBANK UTRECHT
Sector handels- en familierecht
zaaknummer / rolnummer: 247538 / HA ZA 08-822
Vonnis van 20 augustus 2008
in de zaak van
de onderlinge waarborgmaatschappij
ONDERLINGE WAARBORGMAATSCHAPPIJ ANDERZORG U.A.,
gevestigd te Zwolle, mede kantoorhoudende te Groningen,
eiseres,
procureur mr. J.M. van Noort,
tegen
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ULMA STEIGERS B.V.,
gevestigd te Utrecht,
gedaagde,
procureur mr. J.M. van Noort.
Partijen zullen hierna Anderzorg en Ulma genoemd worden.
1. De procedure
1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het tussenvonnis van 28 mei 2008
- de akte uitlating ambtshalve verwijzing van Anderzorg
- de akte uitlating ambtshalve verwijzing van Ulma.
1.2. Vervolgens is vonnis bepaald.
2. De overwegingen
2.1. In het tussenvonnis heeft de rechtbank partijen in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over haar voornemen om - in verband met de aard van de zaak - tot verwijzing van de zaak naar de sector kanton over te gaan.
2.2. Uit de aktes van partijen leidt de rechtbank af dat de onderhavige zaak geen geschil betreft tussen (de verzekeraar van) een werknemer en zijn werkgever terzake van een arbeidsongeval, maar dat het een geschil betreft tussen een werknemer en een derde, wiens hulppersoon het arbeidsongeval zou hebben veroorzaakt. Naar het oordeel van de rechtbank is onder deze omstandigheden geen sprake van een zaak betreffende een arbeidsovereenkomst, zodat de sector handels- en familierecht van deze rechtbank bevoegd is om deze zaak te behandelen en te beslissen. De rechtbank zal dan ook niet tot ambtshalve verwijzing overgaan, maar de zaak verwijzen naar de rol voor het nemen van een conclusie van antwoord.
3. De beslissing
De rechtbank
3.1. bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van 1 oktober 2008 voor het nemen van een conclusie van antwoord,
3.2. houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit vonnis is gewezen door mr. A.A.T. van Rens en in het openbaar uitgesproken op 20 augustus 2008.?
w.g. griffier w.g. rechter