ECLI:NL:RBUTR:2008:BE9162
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Bruins
- P. Wagenmakers
- D.A.C. Koster
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor meervoudige kindermishandeling met gedeeltelijke strafuitsluiting
De rechtbank Utrecht heeft op 11 juni 2008 uitspraak gedaan in een zaak tegen verdachte, die werd beschuldigd van meervoudige kindermishandeling van zijn stiefzoon in de periode van oktober 2006 tot februari 2007. De tenlastelegging werd deels gewijzigd tijdens de procedure. De rechtbank sprak verdachte vrij van de primair ten laste gelegde feiten, maar verklaarde het subsidiair ten laste gelegde feit van meermalen mishandelen wettig en overtuigend bewezen.
Het bewijs bestond uit verklaringen van het slachtoffer, getuigen en medewerkers van de Raad voor de Kinderbescherming, die blauwe plekken, bloedlippen en andere verwondingen constateerden. Verdachte ontkende mishandeling, maar gaf toe dat hij wel eens een tik of schop gaf, wat de rechtbank onvoldoende achtte om het verweer van pedagogisch verantwoord handelen te aanvaarden.
De rechtbank oordeelde dat het handelen van verdachte ernstige inbreuk maakte op de lichamelijke integriteit van het kind en dat dit strafbaar was. Gelet op de ernst, omstandigheden en eerdere veroordelingen, legde de rechtbank een gevangenisstraf van 270 dagen op, waarvan 94 dagen niet ten uitvoer worden gelegd. Tevens werd een eerdere voorwaardelijke straf niet ten uitvoer gelegd omdat deze reeds was uitgevoerd.
De rechtbank hechtte waarde aan feitelijke en objectieve bewijzen en ging voorbij aan meningen en gevoelens in verklaringen. De straf weerspiegelt de maatschappelijke verontwaardiging over huiselijk geweld tegen kinderen en het belang van bescherming binnen het gezin.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 270 dagen gevangenisstraf, waarvan 94 dagen niet ten uitvoer gelegd.