ECLI:NL:RBUTR:2008:BF8881
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- L.E. Verschoor-Bergsma
- J.F. Dekking
- J.D.E. Brouwer-Poederbach
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot jeugddetentie wegens poging tot doodslag met mes ondanks beroep op noodweer
Op 20 juni 2008 werd de vader van de verdachte buiten zijn woning in Amersfoort door twee mannen mishandeld. De verdachte reageerde door met een vleesmes ongeveer zeven centimeter diep in de rug van het slachtoffer te steken. De verdachte stelde zich op het standpunt van noodweer en noodweerexces, omdat hij zijn vader verdedigde tegen een ogenblikkelijke en wederrechtelijke aanranding.
De rechtbank oordeelde dat hoewel de verdachte zich in een situatie van verdediging bevond, het middel en de wijze van verdediging disproportioneel waren. Het beroep op noodweer werd daarom verworpen. Ook het beroep op noodweerexces werd afgewezen, omdat de verdachte vooraf had nagedacht over het gebruik van het mes en de plek waar hij zou steken, wat wijst op berekenend handelen in plaats van een hevige gemoedsbeweging.
De rechtbank sprak de verdachte vrij van het bezit van cocaïne, maar verklaarde bewezen dat hij het slachtoffer met opzet met een mes in de rug had gestoken, wat poging tot doodslag oplevert. Gezien de ernst van het feit en de eerdere justitiële documentatie van de verdachte, legde de rechtbank een jeugddetentie van twaalf maanden op, waarvan zes maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden voor begeleiding.
De vordering tot tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke jeugddetentie werd afgewezen omdat het onderhavige feit van een geheel andere aard was. De rechtbank gelastte tevens de teruggave van het vleesmes aan de rechthebbende.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf maanden jeugddetentie, waarvan zes maanden voorwaardelijk, wegens poging tot doodslag met mes ondanks afgewezen beroep op noodweer.