ECLI:NL:RBUTR:2008:BG3794
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- D.A.C. Koster
- J.R. Krol
- J.F. Dekking
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor meervoudige feitelijke aanranding van eerbaarheid door schoenmaker Defensie
Vijftien jonge vrouwen hebben aangifte gedaan tegen verdachte, die als orthopedisch schoenmaker bij Defensie werkte, wegens het plegen van ontuchtige handelingen tijdens het beoordelen van de noodzaak tot het aanmeten van steunzolen. De vrouwen werden betast op intieme plaatsen, soms na gedeeltelijk ontkleden en achter een kamerscherm, waarbij verdachte misbruik maakte van zijn positie en het vertrouwen van de slachtoffers.
De verklaringen van de aangeefsters vertonen belangrijke overeenkomsten en worden ondersteund door een getuige die bevestigt dat de werkwijze van verdachte niet tot de normale procedure behoort. Verdachte ontkent bewust handelen, maar dit verweer wordt door de rechtbank verworpen. De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de ten laste gelegde feiten heeft begaan.
De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf van zes maanden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, en legt een taakstraf op van 200 uur. Daarnaast wordt een schadevergoeding van €750,- toegekend aan één van de benadeelden wegens immateriële schade. De straf en maatregel zijn zwaarder dan door de officier van justitie gevorderd, gezien de ernst van de feiten en de omstandigheden waaronder deze zijn gepleegd.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf van zes maanden, een taakstraf van 200 uur en een schadevergoeding van €750,- wegens meervoudige feitelijke aanranding van de eerbaarheid.