ECLI:NL:RBUTR:2008:BG6169
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Bruins
- E.F. Bueno
- L. Bakker-Splinter
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs in zedenzaak minderjarige
De rechtbank Utrecht behandelde een zaak waarin verdachte werd beschuldigd van meerdere zedendelicten jegens een minderjarig slachtoffer in de periode van mei 2005 tot december 2006. De tenlastelegging omvatte onder meer het seksueel binnendringen met vingers en het verrichten van ontuchtige handelingen. De officier van justitie baseerde het bewijs hoofdzakelijk op het studioverhoor van het slachtoffer en haar dagboekaantekeningen.
Verdachte ontkende de beschuldigingen ten stelligste. De verdediging voerde aan dat het bewijs onvoldoende was en stelde subsidiair dat de periode van de tenlastelegging te ruim was geformuleerd. De rechtbank oordeelde dat de verklaringen van het slachtoffer en de auditu-verklaringen van familieleden onvoldoende steun boden aan het bewijs, mede omdat deze verklaringen uit dezelfde bron afkomstig waren.
De dagboekaantekeningen van het slachtoffer droegen ook niet overtuigend bij aan de bewijsvoering. Gezien het ontbreken van andere onafhankelijke bewijsmiddelen sprak de rechtbank verdachte vrij van alle tenlastegelegde feiten. Tevens werd het reeds geschorste bevel tot voorlopige hechtenis opgeheven.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van de tenlastegelegde zedendelicten.