ECLI:NL:RBUTR:2008:BG6683
Rechtbank Utrecht
- Eerste aanleg - meervoudig
- P.M.E. Bernini
- A. Wassing
- Z.J. Oosting
- Rechtspraak.nl
Ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit mensenhandel in vereniging
De rechtbank Utrecht heeft bij vonnis van 10 december 2008 het wederrechtelijk verkregen voordeel vastgesteld dat de veroordeelde heeft behaald uit het strafbare feit van mensenhandel in vereniging gepleegd tussen 1 januari 2008 en 16 juli 2008.
Op basis van notities van het slachtoffer en agenda's van de veroordeelden is de totale opbrengst berekend op €95.171,00, waartegenover kosten van €24.578,00 staan, resulterend in een netto voordeel van €70.593,00. Hiervan is 35% toegerekend aan het slachtoffer, waardoor het uiteindelijke wederrechtelijk verkregen voordeel op €37.283,15 wordt gesteld.
De rechtbank verdeelt dit voordeel ponds-pondsgewijs tussen de twee veroordeelden, zodat aan ieder een bedrag van €18.641,58 wordt toegerekend. De verplichting tot betaling van dit bedrag aan de Staat wordt opgelegd, waarbij de draagkracht van de veroordeelde voldoende wordt geacht om aan deze verplichting te voldoen.
De vordering van de officier van justitie tot betaling van het voordeel tot een maximumbedrag van €35.296,50 wordt afgewezen voor zover deze hoger is dan het vastgestelde bedrag.
Uitkomst: De veroordeelde wordt verplicht tot betaling van €18.641,58 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.